9 april 2010

Taal, verwarring en verspreiding

Het verhaal van Babel kent een interessante parallel in het Nieuwe Testament. Op de pinksterdag horen de aanwezigen in Jeruzalem de discipelen in hun eigen taal spreken. De drieduizend mensen die zich op het horen van het Goede Nieuws zich bij de discipelen aansloten keerden kort daarop terug naar hun eigen landen en stammen waar ze dat Goede Nieuws in hun eigen taal konden doorvertellen. De boodschap van het Evangelie is voor iedereen en taal mag geen barrière zijn om die boodschap te horen en te begrijpen. God grijpt bovennatuurlijk in en de boodschap is helder: het verzoenend en verlossende werk van Christus brengt de mens weer samen, barrières worden geslecht en eenheid is mogelijk.
De discipelen hadden de opdracht gekregen om discipelen te maken van alle volken. In eerste instantie bouwen ook zij "een stad." De eerste gemeente blijft in Jeruzalem en klontert samen. De enige verspreiding die plaatsvindt is plaatselijk. Een drama, de steniging van Stefanus, is de aanleiding om de eerste groep gelovigen over de aarde te verspreiden; God wil gezien en gehoord worden tot in de verste uithoek van zijn schepping.
De "taal" van het Evangelie is universeel: relevant voor alle taalgroepen en culturen. De verspreiding gaat cultuurchristendom tegen. Dit ontstaat waar christenen besluiten om zich ergens te vestigen en sterke "steden" te bouwen. Waar grote groepen christenen samenklonteren dreigt het gevaar dat men zelfgenoegzaam wordt en vooral met zichzelf bezig is. Tienden worden geclaimd (als het om geld gaat grijpt men maar al te graag terug op de OT wetten en voorschriften) en ingezet voor zelfhandhaving in plaats van deze te investeren in verspreiding. Maar al te gemakkelijk wordt voorbijgegaan aan het wonder van pinksteren waar de Geest talen, culturen en mensen verzoend en verenigd. Dat moet toch iedereen horen en weten!
Heeft God de gemeente bedoeld om sterk te zijn en "het" allemaal voor elkaar te hebben? Ik geloof dat iedere gemeente in een staat van verwarring moet zijn, voortdurend in beweging, anticiperend op de beweging van de Geest, de wereld besmettend met het liefdesvirus! Te midden van die verwarring ("Ze hebben teveel gedronken," Hand. 2:13) bindt Gods Geest ons samen; Hij spreekt alle talen. Ze komen uit Hem voort (Gen. 11:9) en komen bij Hem terug (Hand. 2:11).