14 januari 2019

Geloof wordt het best beleefd

Stel je voor dat je iets gelooft maar dat geloof wordt niet beleefd, is dat dan een minder geloof, een afwezig geloof of maakt het niet uit?
Zo geloof ik, op basis van wetenschappelijke bewijzen, dat metaal uitzet als je het verwarmt. Metalen hebben een positieve uitzettingscoëffeicient die gemeten kan worden.
Ik moet eerlijk zeggen dat ik van die wetenschap koud noch warm word. Het doet niets met me en ik neem het als gegeven aan. Toch zou ik de waarheid omtrent uitzettingscoëfficienten met passie en zonder enige twijfel kunnen presenteren. Waarheid maakt mij meestal best wel blij.

Of ik nu wel of niet weet dat metaal uitzet bij verwarming, dit wel of niet goed kan (of wil) uitleggen en of ik dat met mindere of meerdere passie doe is irrelevant aan het gegeven dat metaal gewoon z'n dingetje zal blijven doen.

De vraag naar een alomtegenwoordige beleving van alles, laat ook de kerk niet koud en heeft de laatste decennia - door de kieren onder de deuren van de aan slijtage onderhevige leerstellige tochtstrippen - haar ruimte binnen die kerk opgeëist. De warme beleving is nu het bewijs dat het per individu op maat gemaakte geloof wel waar moet zijn, een persoonlijke beleving kun je namelijk niet ontkennen of er een constructief debat over houden; je blijft met je fikken van mijn god en geloof af.

Zo sprak onlangs iemand over de wat zachtere kant van God: trooster, barmhartige, Hij wiens ogen naar je uitgaan met daarin verweven de oproep om er werk van te maken als je het misschien wel weet of gelooft maar Hem niet echt als zodanig kent. Of dat "kennen" dan synoniem zou staan voor beleven, of dat het gaat om een ontdekken van een aspect aan God dat tot dan toe onbekend was, werd mij niet geheel duidelijk.
De vraag die mij opnieuw aan het denken zette over de plaats van de beleving (de alfa kant) in een geloofsbelijdenis (de bèta kant) was of het wel of niet voldoende is om gewoonweg te geloven, of dat het ontbreken van een beleving aangerekend moet worden als een ernstig gemis (of misschien wel ten diepste een geheel gemis). Wat ik wel weet is dat het wel of niet beleven niets verandert aan wie God is.

Jaren terug, toen ik wat meer aan de alfa kant van het geloof zat, sprak een vrouw me aan na een van mijn alfa preken (die overigens ergens diep in de krochten van een Cloud zijn verdwenen). Huilend vertelde me ze over haar aandoening. Het belevingsdingetje dat bij de meeste mensen aardig functioneert was bij haar kapot. Nu had ik daar een relativerende opmerking over kunnen maken aangezien ze huilend haar verhaal deed, maar deed er wijselijk het zwijgen toe. "Ben ik slecht? Geloof ik niet goed? Kom ik iets tekort?" Tja, als je iedereen om je heen zich ziet verliezen in verschillende maten van beleving voel je je best wel staan en zijn dit zeer wezenlijke vragen.

De soms kortzichtige manier waarop een of meer geïsoleerde regeltjes uit de Bijbel worden gebruikt als waarschuwend vingertje - zeg maar voorhamer - helpt daarbij niet. Jakobus 2:19 hebben veel evangelicalen wel in hun geestelijke EHBO paraattasje zitten, er overigens volkomen aan voorbijgaand dat dit niets te maken heeft met geloven versus beleven, maar hij bekt wel lekker: "U gelooft dat God de enige is? Daar doet u goed aan. Maar de demonen geloven dat ook, en ze sidderen." De meer bèta-achtige gelovigen zullen dit waarderen als een motie van afkeuring. Of ze dat ook als zodanig beleven laat ik maar in het midden.

Door de jaren heen is het raamwerk van mijn geloof een stuk kaler geworden. Ik kan er zowaar weer doorheen kijken. Het staat vaster. Althans, zo beleef ik het.

1 januari 2019

Enge mannetjes die alles (denken te) weten

Sprak ik toch onlangs iemand die tot drie cijfers achter de komma weet hoe het zit met Israel (vanuit een Bijbels perspectief).
Het gemak en de stelligheid waarmee Oud-Testamentische profetieën met behulp van een flinke dot rhetorisch glijmiddel vanuit de geschiedenis naar onze tijd gleden had een "open mond effect" op mij.
Totaal overdonderd kon ik vrijwel niets anders doen dan schaapachtige geluiden voortbrengen en langzaam wegglijden in een gevoel van hopeloosheid over mijn eigen domheid.

Mijn preek had blijkbaar het gevoel van "ik moet Jan den Ouden redden" bij de beste man opgeroepen.
Thuis vertelde ik aan Martha wat voor effect het op me heeft wanneer iemand mij hautain de les leest en de  indruk wekt op elke vraag een antwoord te hebben. Dat zijn bijna geen mensen meer, maar machines. Machines die hakken, breken en (soms) maken. Ze kunnen niet anders want ze zijn slechts voor die functie gemaakt.

De meeste mensen hebben geen moeite met een eerlijk, verkennend gesprek waarin je elkaar bevraagt en samen tot een dieper kennen en ontdekken komt. Maar met een machine kun je niet praten; slechts naar kijken, en luisteren naar de vaak monotone geluiden die met dat hakken, breken en maken gepaard gaan.
Kort samengevat (zo verwoordde ik het althans aan Martha): Wat een vervelende man was dat, zeg.

Mijn frustratie kan herleid worden tot de vraag wat die Bijbel nu eigenlijk is. Als je het ziet als een stap voor stap handleiding om een ingewikkeld LEGO ding in elkaar te zetten (dat doe ik met en voor mijn kleinzoons) en je hebt van te voren bepaald hoe jij vindt dat het ding eruit moet komen te zien dan kom je met LEGO een heel eind, er zijn immers voldoende onderdelen om ongeveer uit te komen waar je wil.

Je zou het ook kunnen zien als een goocheldoos. De Bijbel is immers dik genoeg om het allerlei trucjes te laten doen die jij leuk vindt, of je favouriet zijn.
Zo is bijvoorbeeld "God is liefde" de mantra van vele gelovigen; "alles wat God doet, doet Hij uit liefde." Geen wonder dat men (gelovigen en ongelovigen) zich over het algemeen stoort aan een dergelijk manifesterend simplisme. Het is waterskieen over slagroom en na afloop met een big smile aan je vrienden vertellen hoe heerlijk zoet het was. Dat God over talloze andere eigenschappen  beschikt die we ook moeten zien te verklaren geeft niet, daar fietsen we dan toch gewoon om heen. Hij is onder andere een "jaloers" God. Nou, daar sta je dan in je bergje slagroom. Begin d'r maar eens aan.

Ja, je mag mij ook een infantiel simplisme verwijten wanneer ik beweer dat de Bijbel gaat over hoe God zich tot de mens en de aarde wil verhouden en wat dit zegt over hoe wij ons op onze beurt weer tot Hem, elkaar en de aarde behoren te verhouden. Centraal daarin staat Christus die de verstoorde verhoudingen wil en kan herstellen. In en door Hem krijgt het e.e.a. pas betekenis en zin. Buiten hem om blijft het allemaal behoorlijk ingewikkeld.

Mocht je dit lezen en mij ooit zien afglijden richting machine-achtig gedrag; hou me dan tegen!

Een mooi, zoekend, verkennend en  niet opgeven voor 2019 toegewenst.

16 december 2018

Verwaterde duurzaamheid

Nederland wil haar CO2 uitstoot in 2030 gehalveerd zien. Dat is besloten toen belangrijke mensen in 2015 in Parijs bij elkaar kwamen en dat vonden.
Ik vind dat ook belangrijk en draag mijn steentje bij. Zo ben ik een paar maanden geleden begonnen met minder vaak te ademen. Niet dat ik daar elk moment bewust mee bezig ben. Zo moet ik nog een oplossing vinden voor het reduceren van mijn CO2 uitstoot als ik slaap.
Ik heb wel het gevoel dat de mediacampagnes succes hebben, al zou het alleen al zijn omdat ik merk mij schuldig te voelen over het feit dat ik leef en door in en uit te ademen direct bijdraag aan de opwarming van de aarde. Zo is dagblad Trouw aan een moralistische en indirect vingerwijzende serie begonnen waarbij de lezer kompleet murw wordt gemaakt; eens in de week een koude douche moet toch kunnen. Alle koeien, varkens en andere eetbare dieren de wereld uit, te beginnen min mijn keuken. Jezelf naar een faillissement toewerken door 100 meter de grond in te boren, je dak vol leggen met zonnepanelen en je vervuilende auto weg te doen of te vervangen door een elektrieke voiture. Dat laatste is een knap staaltje van zelfbedrog aangezien iets en iemand die energie op moeten wekken en dat gaat eigenlijk altijd gepaard met het verbranden van dingen. Dat laatste gaat maar moeilijk zonder CO2 uitstoot.

Duurzaam is het sleutelwoord; een gezond evenwicht tussen economie, ecologie en 's-mensen wensen. Eenvoudig gezegd gaat het over de balans tussen wat ik wil, wat de ander aan mij wil verdienen en de rekening die het milieu daarvoor krijgt gepresenteerd. Ik ben geen profeet maar weet zeker dat het milieu het onderspit delft. Dat heeft namelijk niets te willen en heeft ook geen rechten waar het aanspraak op kan maken. Het enige waarop een beroep kan worden gedaan is de verantwoordelijkheid van de mens. Maar daaar is niet iedereen even gevoelig voor.
Omdat duurzaamheid erg hip is kom je het vrijwel overal tegen. Alsof mensen beter luisteren als je het woord duurzaam gebruikt. Het tegenoversgetelde is volgens mij waar. Als ik het woord duurzaam ergens tegenkom sla ik het artikel, of het boek snel en enigszins geirriteerd over.
De politiek, de architectur, de psychologie  - overal kom je deze illusie van "dit gaat echt langer dan vier jaar mee" tegen.


Ook de kerk heeft duurzaam ontdekt. Verkoopt beter en het klinkt lekker hip. Er is al een boek met de titel "de duurzame kerk," (niets nieuws te horen, alleen de taal is hip - tel het aantal keren "sustainable") en zijn er duurzame bedieningen (alleen nog in het engels, maar het komt vanzelf onze kant op). Ook in de organisatie waaroor ik met plezier werk hebben we het over duurzame bedieningen, trainingen, systemen en wat dies meer zij. Deze duurzaamheid heeft echter niets te maken met een gezonde balans tussen mens, milieu en economie maar met de verwachte toekomstbestendigheid van nieuwe initiatieven; alsof het toevoegen van "duurzaam" de voorspelbaarheid betreffende de houdbaarheid in de toekomst vergroot. Om daarover te praten vliegen velen de wereld ettelijke keren rond. Verre van echt duurzaam dus.
In Nederland zijn er overigens wel kerken bezig met duurzaamheid in de oorspronkelijk betekenis.

Dit is de eerste keer dat ik in een Blog over duurzaamheid mijmer. Meer voor mezelf dan voor anderen omdat het eigenlijk niet zo voor me leeft. Ik maak me eerder druk over het fenomeen dat een, op zich goede en noodzakelijk discussie, door jan en alleman gekidnapt wordt en vervolgens een geheel eigen leven gaat leiden waardoor de oorspronkelijke discussie verwatert.




27 oktober 2018

Knippen en Plakken met de Bijbel. Dit vinden we helemaal niet "leuk" om te lezen.

Met enige passie gaf ik een voorbeeld: "Stel je voor dat na lang voor België te hebben gebeden en het land te hebben geclaimd overeenkomstig de belofte in Psalm 2:9 (Vraag het mij en ik geef je de volken in bezit, de einden der aarde in eigendom), God op een dag besluit dat je, door je aanhoudende gebed te hebben bewezen echt geïnteresseerd te zijn in België, het land mag hebben.
Een aantal dilemma's dringt zich meteen op. 
1. Ik had nooit gedacht dat ik het land zou krijgen.
2. Heb ik het toch gekregen, maar wat moet ik met een onbestuurbaar land?

Ik vraag om raad.
Iemand stelt voor dat diezelfde Bijbel in diezelfde Psalm wellicht een verborgen hint bevat die uitsluitsel geeft over de volgende stap.
En jawel, meteen het volgende vers geeft helderheid, en is nog specifiek ook: "Jij kunt ze breken met een ijzeren staf, ze stukslaan als een aarden pot."

Daar sta je dan met je honkbalknuppel en een onbestuurbaar land.

Het eerste vers plakken we op T-shirts, ansichtkaarten en koffiemokken.
Het tweede vers wordt genegeerd want knippers en plakkers hebben niets met context. Stel je voor dat we aandacht moeten gaan geven aan het verhaal om het geknipte vers heen; niet dus!
Ik ga een Tweede Vers Beweging  (TVB) beginnen als doel Knippers en Plakkers een halt toe te roepen. Knippers en Plakkers laten de Bijbel zeggen wat ze willen. Gevaarlijk.

Een dag later lopen we met de groep door Tirana om een ijsje te eten. Breed grijnzend wijst een collega me op z'n T-shirt. Staat uitgerekend die tekst uit Psalm 2 op z'n shirt!  Blijkt het "Vraag het mij" versje het motto van een zomeractie te zijn. Uiteraard staat er geen afbeelding van een honkbalknuppel naast.
Ik schaam me diep en ben licht verontwaardigd. Ik had toch echt gedacht dat OMers de Bijbel met dieper respect behandelden. Echter, ook binnen onze club wordt regelmatig en ook wel structureel geknipt en geplakt.

Het loslaten van het grote verhaal van God leidt onherroepelijk tot het construeren van eigen verhaaltjes die nog maar zijdelings met Zijn grote verhaal te maken hebben. 
Het toeëigenen en claimen van willekeurige en/of nauwkeurig geselecteerde Woorden die in het grotere verhaal nauwelijks iets met mij te maken hebben is een typische vrucht van de immer wassende centraalstelling van het individu.

Na het T-shirt incident had ik wel een somber moment. Als mijn gepassioneerde pleidooi voor het respecteren en eerbiedigen van de onmiddellijke en bredere context van een Woord of Vers een dergelijke provocerende "I don't give a shit" reactie oproept, kan ik er wellicht beter het zwijgen toe doen.



15 oktober 2018

FF terug naar waar het allemaal begon

Den Ouden Nieuws
Oktober 2018, nummer 162

Door de deuren na de douane en immigratie lopend, spotte ik al snel mijn OM collega die me in de aankomsthal van het vliegveld in Santiago de Chili op stond te wachten. Na aankomst op de OM basis kon ik meteen aan de bak. De vijfdaagse training in Mentoring die ik samen met een collega uit Canada gaf had van tevoren wel wat vragen opgeroepen. Hoe zal de dynamiek zijn als je studenten, staf en leidinggevenden bij elkaar in een klasje zet? Durft men open en eerlijk te zijn? Is de hiërarchie voelbaar en een belemmering? Wat ik echter aantrof was een diep onderling respect en vriendschappen. Dat creëert een veilig klimaat waarin men zich bevestigd en gewaardeerd weet. Ik had een vrijwilliger gevraagd om mijn "slachtoffer" te zijn in een Mentoringsessie. De echtgenote van de man die zich aanbood vertelde me later dat het best wel heftig was om haar man publiekelijk zo kwets-baar en eerlijk te zien. De als eenmalig bedoelde sessie is uiteindelijk een langer durende Mentoringreis geworden en we spreken elkaar nu maandelijks via Skype. Een steeds groter deel van mijn tijd gaat in dit soort Mentoring en coaching zitten. Met veel genoegen, kan ik wel zeggen.

Een maand later gaf ik in Ecuador een week les aan een klasje van vijftien jongeren die zich drie maanden lang voorbereidden om ergens op de wereld door woord en daad ver-antwoording af te leggen van de levende hoop die ze hebben gevonden in Christus. Het jonge echtpaar dat de training leidde viel op door hun enthousiasme, toewijding en des-kundigheid. Hun passie is training en mentoring. Ik besloot ze uit te nodigen om verant-woordelijkheid voor coaching en Mentoring binnen OM Latijns America op zich te nemen. Voor het echtpaar (Daniel en Anita) betekent dit dat een langgekoesterde droom, begint uit te komen. Het grootste obstakel vormen de financiën. Veel Latino's kampen met de-zelfde realiteit en tenzij ze "sponsors" vinden kunnen ze hun vleugels niet uitslaan. In ver-trouwen heb ik hun tickets geboekt om de clinic en training later dit jaar mee te kunnen maken.

Van Februari tot half September ben ik intensiever betrokken geweest bij OM Nederland. Het "Team Mobilisatie" zat onverwachts zonder leider. Meteen "ja" gezegd toen ik werd gevraagd om het ontstane gat te dichten. Het team is de afgelopen maanden aardig ge-groeid en er is een ontspannen sfeer ontstaan waar creatieve energie vrijelijk kan stromen. Deze "buitendienst" (re)presenteert OM in kerken en groepen en heeft als focus het mobili-seren (optrommelen en inschakelen, actiebereid maken) van volgelingen van Christus in de breedste zin van het woord. Ik blijf bij het team betrokken maar niet als leidinggevende zodat ik mijn aandacht meer op de opdracht vanuit OM Internationaal kan geven.

Het zendingslandschap is de afgelopen dertig jaar behoorlijk veranderd. Toen werden we door kerken en groepen gebeld met de vraag een presentatie of (s)preekbeurt te komen verzorgen. Anno 2018 moeten wij bellen met de vraag of we misschien iets mogen komen vertellen waarbij we aansluiten bij de talloze mini-stichtingen, grote en kleinere organisa-ties, en particuliere initiatieven zoals sponsorlopen, bergbeklimmingen, hongermarathons. Allemaal geweldige en loffelijke doelen die zendtijd willen.
Dertig jaar geleden moest je ook wel iemand laten opdraven als je specifieke informatie over bijvoorbeeld het schepenwerk van OM wilde hebben. Dan kwam er een mannetje met diaprojectors en een verhaal. Dia's laten we al lang niet meer zien en als je iets wilt weten over OM en LogosHope is Google je startpunt. Een aantal muisklikken en je hebt toegang tot meer informatie dan je lief is.

Hadden we toch onze twee kleinzoons, Noël en Isaac, tien dagen over de vloer. Ik heb er een fietszitje, een zandbak en 100 liter speelzand voor aangeschaft. Ook een "Cars" tent waar ze vijf minuten mee hebben gespeeld en verder de overige 9 dagen, 23 uur en 55 minuten genegeerd. Opa Jan bracht de belhamels weer terug naar Barcelona. Onvergetelijke dagen met de mooiste herinneringen!


Martha is aan haar tweede jaar aan de Nieuwe Akademie Utrecht (kunstonderwijs) begonnen. Ze schildert, knipt, plakt alsof het een lieve lust is. Als je haar zoekt is de kans groot dat ze op de zolder te vinden is in haar "She Shed."

De komende maanden zit er weer wat reizerij in de planning. Zin in! Het blijft toch het mooiste om te (s)preken. Mensen prikkelen, aanmoedigen, stimuleren en uitdagen. De afgelopen dagen had ik het genoegen om de Short Term staf van OM Europa mee te nemen in een reis naar en rondom de zogenaamde Bergrede. Omdat ik niet echt een lineaire spreker ben was het vooral rondom.
Financieel gaan we een spannend kwartaal tegemoet. Enkele financiële supporters kunnen de steun die ze gaven door veranderde omstandigheden niet langer continueren en we kijken aan tegen een gat van zo'n 350 euro per maand.

We zijn trouwens in blijde verwachting van ons vijfde kleinkind. Martijn en Janne verwachten hun eerste kindje ongeveer nu.

Martha en ik willen jullie bedanken voor alle bemoedigingen en concrete (financiële)  support. Daardoor kunnen we dit werk al 31 jaar doen en hopen we nog lang voort te kunnen zetten.

8 oktober 2018

Voedsel en Onderdak? Graag met een nieuwe leasebak

Een goede vriend van me stelde vragend voor : "Waarom begin je niet voor jezelf? Die training voor mentors en coaches die jullie hebben ontwikkeld zit gewoon goed in elkaar en daar is zeker een markt voor, nog los van alle ervaring die je hebt in training, het ontwikkelen van mensen en noem maar op."
Bij tijd en wijle denk ik daar wel eens over na en droom dan hoe het geld als bijna vanzelf binnenstroomt, ik mijn negentien jaar oude Volvo in kan ruilen voor een electrische leasebak en vooral dat ik dan helemaal VRIJ zou zijn!
Dat laatste, plus nog een ander dingetje houden me echter zo tegen dat ik die stap waarschijnlijk nooit zal zetten.
Het zogenaamde "vrij" zijn is namelijk nogal betrekkelijk. Sinds de regering het volk is gaan stimuleren om het juk van de knellende arbeidsovereenkomst van zich af te werpen en als zelfstandige hetzelfde werk te gaan en blijven doen en bedrijven hun personeel aanmoedigen om ontslag te nemen om zich vervolgens op uur- of klusbasis door datzelfde bedrijf in te laten huren, zijn we teruggekeerd naar de tijd van de dagloners.

Vincent van Gogh "Going out to Work,"  1890
De vroegere dagloner was vooral de man die zelf geen land en/of boederij had en tegen een dagloon arbeid verrichte voor de persoon die een te grote boerderij had, teveel land en/of vee om in z'n uppie te kunnen onderhouden en bewerken. Als er werk was had de dagloner inkomen en als er geen werk was werd het behelpen met aardappelschillen, aardappelsoep of gewoon niets.

De tegenwoordige dagloner heet ZZP-er en er zijn er niet weinigen die tegen de aardappelsoepgrens aan leven: inkomen is niet gegarandeerd, bescherming en rechten zijn er niet of nauwelijks en men moet de boer op om zichzelf te verkopen.

Ik ben op LinkedIn te vinden, evenals veel van mijn vrienden, kennisen en vooral nieuwe (oude) potentiele vrienden en kennissen die graag willen "connecten". Niet zozeer omdat ze in mij de lang verloren gewaande oude schoolvriend hebben gevonden maar omdat ze iets te verkopen hebben: zichzelf. Deze ontwikkeling wordt ten onrechte onder de noemer "vooruitgang" geschaard terwijl het niets anders is dan een in een modern jasje gestoken nekkartonnetje  met "ik zoek werk" erop gekalkt. Je weet wel, die arme mannen en vrouwen die 's-morgens op verzamelpunten bij elkaar komen in de hoop dat er een busje komt met een manier die werk voor een dag aanbiedt.
Dat is één.

Het andere dingetje is het feit dat ik vreselijk slecht ben in het verkopen van mezelf. Jezelf neerzetten met een opsomming van je geweldige en lange ervaring, expertise, know-how, toffe persoonlijkheid en temperament, plus de hemelhoge aanbevelingen van vrienden wier levens zo geraakt en veranderd zijn door jou en jouw produkt.... ik kan het gewoonweg niet. En misschien, diep van binnen, wil ik het ook niet.
Maar misschien zit er nog iets anders achter. Een tijd terug kreeg ik tijdens een training, bedoeld om mij te helpen nog beter te worden in wat ik denk dat ik aan het doen ben, de opdracht om op papier te zetten waar ik over vijf jaar wil zijn. Daar was ik snel mee klaar. Ik had opgeschreven: "Als ik over vijf jaar in staat ben om te doen wat ik vandaag doe, ben ik een van de meest gelukkige en prijzenswaardige mensen op aarde." De trainer vond dat overigens geen goed antwoord en verweet me gebrek aan persoonlijke visie.
Het markteconomische denken (consumptiegoederen worden door anderen gemaakt en middels handel verdeeld) heeft de wereld veel goed gebracht maar kan ook doorslaan. Het is juist dat denken dat vooruitgang  (altijd maar meer en groter) tot god heeft verklaard en fnuikend doet over hen die genoegen nemen met dat wat er nu is. Vandaag applaudiseert mijn hart voor die laatste groep.
Natuurlijk is er veel en veel meer over te zeggen maar dat doe ik niet. Vandaag vier ik mijn vrijheid door eens flink aan de slag te gaan!

"Want wij hebben niets op de wereld medegebracht; wij kunnen er ook niets uit medenemen. Als wij echter onderhoud en onderdak hebben, dan moet ons dat genoeg zijn." (Apostel Paulus)

1 oktober 2018

't Schiet nu echt op: de wereld naar de hel

Ja, ik rijd in een gele auto. Je ziet ze niet zo heel veel maar ze zijn er wel. Ze vallen op en kennen een aantal voordelen. Gele auto's worden het minst gestolen. Ze vallen wat meer op, zowel overdag als 's-nachts, wat meteen een aannemelijke reden kan zijn dat ze het minst gestolen worden. Nu loopt mijn auto nog minder risico om gestolen te worden omdat hij tegen de twintig jaar oud is.
Zomaar een statistiekje waarin wat harde feiten gepresenteerd worden. De meeste mensen hebben niet zo'n hoge pet op van onderzoek, feiten en statistieken en geloven liever wat hun onderbuik hen influistert. Selectief lezen, kijken en luisteren bevestigt vervolgens hun gelijk.

Zo had ik de afgelopen weken wat gesprekjes waarin terloops het eind der tijden aan bod kwam. "Het duurt niet lang meer, alle puzzelstukjes die aan de komst van Christus voorafgaan liggen nu zo'n beetje op hun plaats. En kijk nu eens naar de toename van het aantal rampen, er is elke week wel iets en dan hebben we het nog niet eens over al die oorlogen. Je ziet de liefde tussen mensen verkillen. Nee, het duurt niet lang meer."

Viktor Vasnetsov, de vier ruiters van de Apocalyps
Ik doe mijn best om de ander tot een dialoog te verleiden: "René Pache stelde hetzelfde in 1955 (De Komende Christus) en ook Hal Lindsey (De planeet die aarde heette) zette in 1970 de zogenaamde eindtijd ook weer eens heerlijk op de kaart, daarbij de nodige controverse veroorzakend." "Trouwens, de eerste generatie christenen was ervan overtuigd dat zij de laatste generatie waren." 
Ik vermoed dat iedere generatie op zoek gaat naar tekenen en bewijzen dat het nu niet lang meer kan duren. Sommige christelijke coryfeeën gooien nog eens olie op het vuur die de controverse verder aanwakkert. Zo liet onlangs ene O. B. te D. zich op de vaderlandse televisie verleiden om er een x aantal jaren aan te verbinden. Dat was niet handig en het heeft hem vast heel wat energie en tijd gekost om verontruste volgelingen die hem ter verantwoording riepen te kalmeren. Zo blijft de kerk lekker in beweging maar of die beweging nu onder de categorie gewenste bewegingen van de kerk bijgeschreven kan worden? Ik vrees van niet.
Naast dat Paché en Lindsey miljoenen christenen hebben gewezen op de mogelijkheid van een komende Apocalyps hebben ze diezelfde miljoenen ook opgezadeld met een specifieke manier van Bijbellezen en -begrijpen. Zo hebben ze miljoenen semi-literalisten voortgebracht. Ik schrijf semi, want literalisten zijn vrijwel altijd selectief, behalve Leo Tolstoi maar die is er dood aan gegaan. 

Ik kom nog even in de verleiding om te verwijzen naar het Human Security Report (Google, lees en huiver) over de dramatische terugloop in het aantal slachtoffers van oorlogen (we leven in de meest vredige tijd ooit!) of naar Steven Pinker's "Ons betere ik, waarom de mens steeds minder geweld gebruikt". Niet dat ik meteen een Steven Pinker fan ben maar hij onderbouwt zijn stellingen met heldere statistieken.
Ik zie ervan af omdat ik het waarschijnlijk alleen maar erger maak en waarschijnlijk het label ketter opgeplakt krijg.
Het aantal aardbevingen en tsunami's neemt niet toe: "Over een langere tijd is het aantal aardbevingen constant. Gemiddeld zijn er jaarlijks 17 met een kracht van 7 à 8. Vanaf het jaar 2000 ligt het aantal iets lager" (Bron: wibnet.nl). We denken dat het vaker voorkomt, of willen dat denken maar het heeft meer met perceptie te maken veroorzaakt door moderne technologie. De aardbevingen en tsunami's stromen vrijwel in werkelijke tijd onze smartphones, tv's en pc's binnen. Vroeger lazen we er af en toe over, nu zien we ze allemaal, met alle gevolgen ervan, in fullcolour en stereo.

Is het misschien typisch menselijk om koppig vast te houden aan een onderbuikgevoel en harde feiten gewoonweg negeren? Is het echt teveel gevraagd om van mensen te verwachten dat ze naar het grotere plaatje, Gods metaverhaal, kijken? In dat verhaal zou het zomaar mogelijk zijn dat het einde (dat al 2000 jaar nabij is) morgen is. Maar ook over 1000, of zelfs 10.000 jaar.
Ik ben maar een miniem puntje in dat verhaal. Dat puntje krijgt slechts betekenis in de grote context. Vanuit die context kan ik oprecht zeggen dat ik hoopvol gestemd ben. Anders had ik wel een andere kleur auto gereden.
Zwart of zo.