18 juli 2008

Met welke ogen kijk je

Als je er dan aan het eind van de dag achter komt dat de stukadoor, die het laatst aanschoof, het eerst krijgt uitbetaald en je ziet dat het uitbetaalde bedrag net zo groot is als het aan jou toegezegde bedrag gebeurt er volgens mij dit:
1) Ik denk "zohoo, als hij hetzelfde bedrag krijgt als dat aan mij is beloofd, zal ik vast wel meer krijgen want ik heb langer gewerkt". In stilte reken ik uit wat ik denk te zullen krijgen.

Nu is het mij beurt om de betaling in ontvangst te nemen en ik zie dat ik precies dat bedrag krijg wat we eerder hadden afgesproken.
2) Ik ben teleurgesteld, verrast, verward en word een beetje boos. Op wie? Op stukadoor 2? Op de baas? Op de baas natuurlijk! Die stukadoor heeft gewoon mazzel maar die baas die deugt niet.

En daar hoef je niet eens Nederlander voor te zijn. In Matteus 20 gebruikt Jezus dit verhaal om te laten zien dat Hij vanuit Zijn goedheid mensen een kans geeft die niemand anders hen zou geven ("waarom staat gij hier de hele dag werkloos? Zij zeiden tot hem: Omdat niemand ons gehuurd heeft", Mat. 20:7). Met andere woorden, het waren ook nog eens de stukadoren die onderaan de pikorde hingen. Die werkers dus die door anderen met meer talenten, energie en grotere monden worden weggedrukt.

Het is dus een verhaal over de goedheid van God en niet over de menselijke beoordelingen van wie wat toekomt.

Het doet me onbewust denken aan het verhaal van de verloren zoon. De oudste heeft z'n hele leven lang z'n best gedaan om oudste zoon te zijn en het gezin bij elkaar te houden terwijl de jongste er een puinhoop van maakt. Toch kan de jongste zoon, na zijn inkeer en terugkeer, rekenen op precies dezelfde behandeling, voorrechtenen en privileges als de oudste zoon.

De de een begint zijn reis met God op relatief jonge leeftijd en probeert zo goed en kwaad als dat gaat een gedisciplineerd leven te leiden, te strijden tegen z'n hartstochten en het sterven aan zichzelf terwijl een ander op z'n sterfbed tot inkeer komt en besluit om zijn vertrouwen op Jezus te stellen.
Vanuit Zijn goedheid kan en wil God niet anders dan deze laatste hetzelfde te geven als de eerste. De misdadiger die tegelijk met Jezus gekruisigd werd is daar een mooi voorbeeld van.