4 januari 2013

Wie is de meester?

Over het idee dat "alles" slechts zelden "alles" betekent heb ik eerder een blog geschreven. Een belangrijk vers waar we een dergelijke uitspraak tegenkomen is Kolossenzen 3:23, "Wat u ook doet, doe het van harte, als was het voor de Heer..." Als zo'n uitspraak uit de context wordt gelezen en toegepast, dan ligt misbruik voor het oprapen. Er is de brede context van het koninkrijk van God waarin zaken zoals diefstal, lust, moord, oppotten, misbruik en dergelijke wordt uitgesloten. Je kunt niet "als voor de Heer" van harte misbruik plegen. Zo valt er al een flink brok af van zaken die als voor de Heer kunnen worden gedaan.
Dan zou je vervolgens naar de wat neutralere zaken van het leven kunnen kijken. Kun je bijvoorbeeld van harte, als voor de Heer boodschappen doen, fietsen, scheren of naar de kapper gaan?
Wordt al wat ingewikkelder omdat er dan ethische overwegingen een rol gaan spelen. Een knipbeurt bij de kapper, daar is niets mis mee. Maar het wordt ingewikkelder wanneer iemand vele honderden euro's per jaar besteed aan kapbeurten. Het is natuurlijk ieders eigen verantwoordelijkheid maar ik hoop toch dat iemand die zich schuldig maakt aan buitensporig kapperbezoek dat niet niet langer van harte en als voor de Heer kan doen en zich voldoende schuldig voelt om de kapbeurten in ieder geval te compenseren door een royale overmaking te doen naar een goed doel.
Het "wat u ook doet, doe het van harte en als voor de Heer", staat in de context van hoe we ons verhouden tot anderen in huwelijk, gezin en arbeid. 
De ware Meester die de gelovige dient is Christus en Paulus wil duidelijk maken dat als dat echt waar is, die dienstbaarheid zichtbaar zal moeten zijn in de relaties die er echt toe doen en waar we dagelijks mee te maken hebben. 
Ik droom er wel eens van; hoe het leven eruit zou zien als ik dat dienen op een gezonde manier onder de knie zou hebben en wat voor effect dat zou hebben op mijn directe omgeving.
Het was Christus die op de vraag wie het belangrijkste is in het koninkrijk, een kind aan de vrager presenteerde en zei dat wie (zulk) een kind in Zijn naam ontvangt, Hem ontvangt (Mat. 18:15).
Dat helpt me om om zo'n potentiële meta-tekst (al wat u doet) in de juiste en doenbare vorm te begrijpen en m'n huiswerk voor vandaag helder voor ogen te houden.

Geen opmerkingen: