11 mei 2018

God weet wel raad met een bord spaghetti

We hadden hem nog zo op het hart gedrukt om niet voor 28 April aan te komen omdat ik pas de 27ste laat in de avond thuis zou komen uit het buitenland.
Dus arriveerde onze vriend Nick, een Indiaas/Amerikaanse arts, op 26 April. Dat is typisch Nick. Voor dit soort details heeft zijn geheugen blijkbaar geen opslagplekje..."O, ik wist niet dat je pas de 27ste terug zou komen".

We kennen elkaar al meer dan twintig jaar en nadat vorig jaar zijn vrouw was overleden en hij een diepe depressie te boven was gekomen (hij zit duidelijk nog in het staartje ervan) besloot hij dat het tijd was om tulpen (en de rest van de wereld) te zien.

Veel vrienden heeft hij niet meer. Zijn depressie had onder andere tot gevolg dat er zich wat veranderingen in zijn gedrag en taalgebruik hadden voorgedaan. Veel van zijn christenvrienden hebben hem van hun vriendenlijstje geschrapt. Ze weten helaas niet om te gaan met gelovigen die zich niet geheel volgens hun boekje gedragen en uiten.
En ja, bij tijd en wijle vertoont hij wat extreem gedrag; koopt bijvoorbeeld een gloednieuwe Porsche om deze een week later weer terug te brengen omdat hij achteraf gezien de instap wat laagachtig vindt. Of boekt een wereldreis van drie maanden (zonder enige verzekering) om dan op de dag van het geplande vertrek te besluiten toch maar niet te gaan.

We hadden hem bij het van der Valk hotel bij ons om de hoek geparkeerd. Ons huis leent zich namelijk nog steeds niet voor gasten zoals Nick die om te kunnen douchen door onze slaapkamer heen moet (Ja, ik weet het, daar moet ik eens wat aan doen). Dat is voor beide partijen wat ongemakkelijk.

De ochtend na zijn aankomst besloot Nick om een vroege wandeling te maken. Omdat hij geen kaartje van de omgeving had moest hij de instructies van het van der Valk personeel op zien te volgen. Nick besloot dit dat wat gecompliceerd was. De talloze bochten en hoeken die het kunstwerk Kleinpolderplein biedt brengt mensen alleen maar in verwarring. Een recht stuk weg is wat hij zocht.
Zo was Nick de A13 opgelopen en was al een aardig eindje op weg naar de afslag Berkel en Rodenrijs toen een politieauto voor hem stopte. Hij vond het wel wat vreemd dat die politieauto halt hield omdat hij om zich heen geen activiteiten bespeurde die mogelijk om wat actie van oom en tante agent vroegen.
Enfin, de agenten waren alleraardigst en brachten Nick keurig terug naar het hotel waar ze nog even zijn paspoort controleerden. In het hotel lijkt het erop dat zo'n beetje alle van der Valk staf Nick inmiddels al kende (ja, zo is Nick nu eenmaal).

Nick's leven is tot nu toe grillig verlopen. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat de een meer drama in het leven te verhapstukken krijgt dan de ander. Het leven is wat dat betreft uiterst onvoorstelbaar en in die zin absoluut oneerlijk en willekeurig.
Zijn leven bepaalt me ook bij het onvermogen van gelovigen om met die grilligheid om te gaan. Het is paradoxaal omdat vrijwel ieder mens vroeg of laat ontdekt dat het leven meer volgens het spaghettipatroon van het Kleinpolderplein verloopt dan een gewenst A13 patroon dat heerlijk voorspelbaar recht is, aan beide kanten afgeschermd en om de tien meter een schreeuwende bordje met "80" erop. Je hoeft alleen maar met de verkeersstroom mee te bewegen.

Is het een ontkenning van mijn eigen spaghetti wanneer ik van een ander een A13 leven verwacht?
Gewoon samen spaghetti eten is volgens mij de meest realistische optie.

En toen gingen we naar de Keukenhof.