19 december 2011

Petrus prikt een vorkje mee

Petrus had de omvang van de genade begrepen. Het oude was voorbij en het nieuwe was gekomen. Echter, als je je hele leven in een bepaald systeem hebt geleefd dan is een kompleet nieuw systeem wel even wennen. Het oude systeem verbood Petrus om een vorkje in de spareribs te prikken. Het feit dat hij dat deed in gezelschap van een bende ongelovigen, betekende dat hij twee punten in moest leveren. Maar het kon; hij was vrij!
Ze beleven gelukkig wel vrienden.
Vriendschap opgeven om een
maaltje spareribs is niet zo handig.

Taken from The Icon Book by Boojamra,
Essey, McLuckie, and Matusiak.
Echter, toen er wat strak in het pak zittende geestelijke oligarchen, die overigens ook van de nieuwe orde waren, die nieuwe vrijheid kwamen bespieden, trok Petrus zich voor de zekerheid terug in een eenzaam hoekje van het restaurant waar hij stilletjes z'n visburger verorberde.
Paulus hoort of ziet dit en spreekt Petrus erop aan: "je bent vrij van het oude, of je bent het niet! Snoepen van twee walletjes is ongepast en een vreselijk slecht voorbeeld."
Leven uit genade is vele malen ingewikkelder dan het leven binnen een systeem waarin alles wat wel en niet mag, helder is vastgelegd. Binnen zo'n systeem kun je meten hoe goed of slecht jij zelf en een ander scoort; ijkpunten genoeg.
Leven in een systeem waarbij intrinsieke ijkpunten; die van de Geest van Christus, van binnenuit naar buiten werken, vereist transformatie; een radicale omkeer. Over de schouders terugkijken, hopend op enig houvast, is zinloos. Dat oude systeem wordt ook wel de oppas genoemd. Wel, toen Christus kwam, mocht de oppas naar huis!
Toch vinden we het heerlijk om iets te vinden dat ons helpt om te meten hoe goed we het doen. Misschien iets dat de oppas per ongeluk heeft achtergelaten, of dat we uit zijn/haar zak hebben gepikt. In Galaten waren dat de besnijdenis en de Joodse kalender; in onze tijd zijn het andere zaken (hoewel sommigen toch houvast menen te moeten vinden in het houden van de Joodse kalender, of delen ervan) die de gelovige van de Genade wegduwen.
Genade is uit het kikkerbadje meteen het diepe in gaan, zonder ook maar een meter te kunnen zwemmen. Je laten gaan in geloof en vertrouwen dat die genade in staat is je te dragen is het enige dat rest.
En dat kleine hummeltje in die kribbe gaat dat allemaal regelen? Het is raar, maar waar. Honderden miljoenen getuigen vandaag van de kracht en de werking van die genade in hun leven.
Als het Leven voor het grijpen ligt, waarom pakt men het dan niet?
Het opgeven van betrekkelijke zekerheden lijkt een van de moeilijkste taken die de mens krijgt opgelegd. Het imploderen van een of meerdere van die zekerheden maakt de mens ontvankelijk voor het zoeken naar minder vergankelijke. En deze zijn te vinden in de stal!
(Galaten 1 en 2)