28 september 2011

Love Wins

Ik heb het boek op mijn buro liggen en ik hoop het deze week te gaan lezen. "Love Wins" van Rob Bell heeft de gemoederen flink in beweging gebracht en een groeiend aantal zelfverklaarde deskundigen heeft de boodschap ervan bij voorbaat al veroordeeld. Aan de hand van op internet verschenen besprekingen van het boek en de daaraan verbonden conclusies meent de goegemeente zich een mening te kunnen veroorloven. Een reden des te meer om het boek zelf te lezen! Het is zonder meer niet aan te raden om de inhoud van een boek te beoordelen aan de hand van een recensie. Het gebeurt echter op zeer grote schaal. Hoevelen zijn er niet die de Bijbel nooit hebben gelezen en er toch een mening over hebben. Die mening is altijd de mening van een ander. Het is paradoxaal. De mens die zich erop doe voorstaan zelf wel uit te zoeken hoe zaken in elkaar steken, laten zich met het grootste gemak door anderen vertellen wat ze van een boek zouden moeten vinden.
Ik onthoud me dan ook voorlopig van enig commentaar op Rob Bell's boek.
Nu is er een aspect aan dit fenomeen dat wel te begrijpen is. Als Nederland wordt aangevallen door een externe macht, hoeven we ons niet perse te verdiepen in de achtergronden en de filosofieën die deze externe macht hebben doen besluiten om ons aan te vallen. Vooraleerst zorgen we er met elkaar voor dat ons land veilig blijft en onze vrijheid gewaarborgd; de aanval wordt impulsief geweerd want er staat nogal op het spel! Later kunnen we dan wel wat historische duiding plegen.
Dat fenomeen doet zich hier ook voor. Ik heb het boek nog niet geopend en laat me leiden door de tekst op de achterflap: "Het traditionele verhaal gaat als volgt... Zonder dat we er aanspraak op kunnen maken, biedt God ons uit genade eeuwig leven aan, gratis. Tenzij je niet reageert op dat aanbod. Dan zal God je voor eeuwig martelen. In de hel."
Lees ik in deze stelling iets van een vraagstelling? Kan het zijn dat Rob Bell die traditionele kijk op de korrel gaat nemen? Aan gaat vallen? Dat kan en mag niet! We hebben die traditionele, Bijbelse kijk op deze zaak immers keurig afgetimmerd in een waterdicht dogma?
Wat als ik door het lezen van het boek aan het twijfelen wordt gebracht? Het is toch veel beter om hartstochtelijk door mijn voorvaderen bevochten Leer te omarmen? Mijn leven ervoor te geven?
Kan het zijn dat de niet lezers zich hebben laten leiden door angst; zich hebben ingegraven in de loopgraven der geschiedenis, zich wapenend tegen een vermeende aanval? Of is er bij voorbaat al de twijfel dat ze onvoldoende geestelijke en Bijbelse ammunitie in huis hebben om zich een gebalanceerde mening te kunnen vormen?
Zomaar wat vragen die ik me stel alvorens het boek te openen en me in een schijnbaar open terrein met talloze verborgen landmijnen te begeven. Ik weet niet of ik nog durf.

27 september 2011

Constante herrie

Het geluid dat het over de "Parallel" razende verkeersstroom produceert kan slechts langs de gebouwen weg die samen een soort van echoput vormen. We zitten hier nu vier dagen en ik ben er al een klein beetje knettergek van geworden. Vandaag weer naar huis. Het verkeer over de A13 ziek ik nu als een welkome oase! Alles is subjectief.
Nee, ik ben geen stadsmens. Ik zou van de stad moeten houden maar eerlijk gezegd verafschuw ik conglomeraties van mensen en gebouwen. Dat zit in de genen of zo. Mijn moeder vertelde me dat ik een huilbaby was, totdat mijn ouders besloten om me als experiment in een ledikantje te leggen (in plaats van de wieg met zo'n dom kapje erop. Ik was meteen huilbaby af! Een mens heeft ruimte nodig. Om te ademen, om te leven, om te zien!
Los daarvan, en om te voorkomen dat deze blog uitmondt in een litanie van zelfbeklag en andere zieligheid; het is geweldig om Moniek bij ons te hebben (en Roger die ons af en aan een poosje vergezeld maar is te ongedurig om een hele dag op te trekken met een groep ouwe sokken). Wat een geweldige meid. Ik ben trots op haar en hou zo veel van haar. Ik wil dat ze gelukkig is en dat is ze ook (nu nog ander werk).
We gaan ontbijten en daarna weer door de stad slenteren. Vanavond vliegen onze vrienden van Transavia ons weer naar Rotterdam. Foto's volgen.

25 september 2011

Barcelona

Terwijl Nederland een prachtige nazomerdag beleefde, liepen we in Barcelona de ganse dag door de regen! Vandaag wordt het een warme dag. Buien hebben de lucht in en rondom Barcelona schoongespoeld en de warmte daalt als een luchtige deken over de vroege zondagmorgen heen. Terwijl de rest van de familie, Martha en haar ouders, nog op een oor ligt, geniet ik van de opkomende zon en een heerlijke Cafe con Leche. De dag mag beginnen. Gewapend met drie verse stokbroden begeef ik me naar ons appartement, een superklein driekamer appartement op de bovenste etage, derhalve door de marketingmensen han Barcelona Home tot Penthouse geproveerd. Zonder het riante terras zou het enorm behelpen zijn in het veertig vierkante meter tellende etablisement. Een woonkamer ontbreekt maar dat mag geen naam hebben. In Spaanse termen heet dit nog steeds royaal. Vandaag gaan we royaal genieten van de ruimte die Barcelona buiten het appartement biedt.

23 september 2011

Scherp veroordelen

Het is een rare gewoonte en je hoort het mensen overal doen; een bepaling bijvoegen aan een begrip of woord dat op zichzelf al voldoende zegt. Blijkbaar is dat niet langer genoeg. Iets wordt niet langer veroordeeld maar 'scherp' veroordeeld. Men neemt niet gewoon afstand van iets maar 'grote afstand.' Iets is niet langer waar maar 'echt waar.'
Zo introduceerde een professor in de theologie in een van zijn lessen die ik volgde "True Truth" (echte waarheid), daarmee een onderscheid creërend tussen gangbare waarheid, die niet langer voldoende blijkt te zijn, en een overstijgende waarheid (of hij deze gangbare waarheid scherp veroordeelde is onduidelijk).
Het moet niet veel gekker worden.
Kan het zijn dat het beeld dat mensen hebben bij op zichzelf duidelijke begrippen en woorden zo algemeen of nietszeggend is dat een kwalificatie of bepaling noodzakelijk is geworden om duidelijk te maken dat het in dit geval menens is.
Bepalingen hebben alleen zin als er iets wezenlijks verandert of wordt toegevoegd.

1. Als Jezus zegt "Ik ben de ware wijnstok, " is die bepaling van groot belang omdat deze juist de kern van de zaak raakt. Dat was een pittige boodschap! Juda was en is niet langer de wijnstok. De door God verwachte vrucht werd door Juda niet voortgebracht. Jezus claimt die vrucht wel voort te kunnen brengen en "door in Hem te blijven" kunnen we op dat gegeven mee liften!
2. "Dat is een leuke jongen," zegt het meisje. Voor de betreffende jongen kan de bepaling 'leuke' alle verschil maken en zelfs bepalend zijn voor wie zijn toekomstige partner wordt.

Taal is een raar ding. Woorden gaan een eigen leven leiden. De beelden die woorden oproepen veranderen mettertijd. Mijn beeld bij oordeel is vrij pittig. Een 'scherp oordeel,' zoals onze premier Rutte deze week uitsprak over de vermeende gesproken woorden van een collega van Wilders, krijgt iets lacherigs als hij erbij lacht. Dan implodeert het beeld dat ik er bij had. Misschien hebben we iets nodig dat nog scherper is. Zolang er echter geen enkele consequentie aan een oordeel of een scherp oordeel wordt verbonden, is het niet meer dan een willekeurig bijeenvegen van een aantal bestaande letters die toevallig een woord vormen dat we allemaal kennen maar verder totaal onschuldig is.

17 september 2011

Gelijk hebben

Vanmorgen werd ik wakker en moest nog eens nadenken over de ruzie tussen Paulus en Barnabas. Vervolgens kon ik niet meer slapen en nu zit ik om 05:15 ergens in een staat van ontbinding verkerend hotel in Wigan (nabij Preston) mijn "complimentary" mok thee te drinken alvorens ik mijn boeltje inpak en naar het 50 kilometer verderop gelegen Liverpoolse John Lennon International Airport reis alwaar een toestel van KLM me naar Amsterdam zal vliegen.
De ruzie tussen deze twee mannen was eerder deze week ter sprake gekomen en ik hoorde de echo van een vraag die een mijner collega's stelde: "Ik zie er naar uit om daar met Paulus nog eens over door te praten. Met name de vraag 'wie had er nu gelijk,' houdt me bezig."
Opeens viel het, nog uit het gulden tijdperk stammende, kwartje bij me. Het gaat helemaal niet om wie er gelijk had! De Westerse mens heeft de bij genetische ingebakken behoefte om zaken in te delen in juist en onjuist, goed en fout en kan maar moeilijk met "grijs" leven. "Grijs" staat voor compromis, schimmigheid, onduidelijkheid: "grijs" is voor watjes. Nu blijkt in de praktijk dat we toch best wel plaats voor grijs hebben in ons leven, vooral als het om onszelf gaat. Daarover heb ik al eerder geblogd (wil niet zeggen dat ik er over uitgeblogd ben).
De westers dominante schuldcultuur dicteert mede het soort vragen dat we stellen.
De vraag wie er gelijk had, is in zekere zin zelfs irrelevant. Zowel Paulus als Barnabas hadden legitieme redenen waarom Johannes Marcus wel of niet mee op reis zou mogen. Paulus had moeite met het gebrek aan doorzettingsvermogen van JM terwijl Baranabas er pastoraler naar keek en misschien de hete adem zijn familie in de nek voelde (JM was familie van hem).
Hoe dan ook, het gaat niet om een competitie waarbij beide deelnemers punten scoren en degene met de meeste legitieme argumenten door mag naar de volgende ronde.

1) In het grote verhaal van God doet het er niet zo heel toe. Hij krijgt wat Hij wil: twee zendingsreizen, in plaats van een. De jongens waren na één zendingsreis al in een patroon terecht gekomen. Tel daarbij op het opvallende zwijgen (het niet ingrijpen) van God en we krijgen iets meer oog voor die kant van het mysterie. Het "niets" van God in menselijke dilemma's kan zomaar tot iets groters leiden.

2) De omvang van de verantwoordelijkheid die God bij de mens legt om zelf zaken uit te zoeken, beslissingen te nemen en met de gevolgen van die beslissing te leven. Kiezen tussen twee betekent niet altijd dat de een altijd beter is dan de ander. Dan heb ik het niet over duidelijke morele kwesties: zal ik wel of niet iemand zwartmaken. Het gaat over de verfijndere kwesties waar zelfs het scherpste onderscheidingsvermogen het niet helder krijgt. Twee in zekere zin gelijke opties leveren op termijn twee totaal verschillende verhaallijnen op. De keuze is daarbij aan ons. Het helpt om de mogelijke verhaallijnen uit te tekenen en te kiezen voor het verhaal dat de voorkeur heeft.

3) We zijn en blijven mensen. Hoezeer we ook trachten om in vrede en eenheid met elkaar op te trekken; er komt een moment dat we lijnrecht tegenover elkaar kunnen staan. Kunnen we dan ieder onze eigen weg gaan en toch vrienden blijven? We hebben daar niet al teveel informatie over in de Bijbel maar het lijkt erop dat ze niet meer samen hebben gewerkt (dat hoeft dus niet zo te zijn, maar we komen ze niet meer samen in het verhaal tegen). Onze gebrokenheid blijft van invloed op onze relaties en de manier waarop we samenwerken.

In OM komen we dagelijks voor dit soort dilemma's te staan. Op kleine schaal maar ook op grote schaal waarbij ongeacht welke mogelijke verhaallijn dan ook, de keuze die gemaakt wordt verstrekkende gevolgen heeft voor de organisatie zelf, en tot heel ver daarbuiten.
Daarbij bedacht ik ook dat naarmate we verder van een verhaal afstaan, het een stuk eenvoudiger is om een keuze te maken. Op het moment dat je zelf midden in het verhaal zit, is het opeens een stuk minder eenvoudig. Het leven is complex, mensen zitten maar raar in mekaar en dat ongeregelde zooitje moet er wat van zien te maken.

Het is al niet eenvoudig om God te gehoorzamen als Hij spreekt; om te horen wat Hij zegt als Hij niet spreekt vraagt om zeer geoefende oren.

16 september 2011

We zijn er bijna

Breng een groep bestaande uit 14 mannen en vrouwen die een voorkeur hebben om dingen te doen en praat twee en een halve dag over doelen, plannen en strategieën. Als je de ingehouden energie op zou kunnen vangen zou je 2000 gezinnen een jaar lang van stroom kunnen voorzien. De creatieve energie die loskomt moet gekanaliseerd worden anders komt het niet verder dan papier. Wat gaan we doen? Wie gaat het doen? Wanneer is het af? Wat is er voor nodig?
Een van beperkingen die we tegenkomen is capaciteit. In OM ontbreekt het echt niet aan visie. De grootste zorg is capaciteit. En dan heb ik het niet alleen over geld. De neiging bestaat om te denken dat geld het grootste obstakel is. Dat is het mijns inziens niet. De grootste uitdaging is om de juiste mensen te vinden en die op de juiste plaats te zetten.
Vandaag zetten we de twee dagen van ideeën, suggesties, zaken die moeten gebeuren en die kunnen gebeuren om in doelen die specifiek, meetbaar/uitvoerbaar, realistisch en doenlijk zijn, binnen een bepaald tijdspad.
Het grootste gevaar na dit soort sessies is dat ideeën niet verder komen dan de map waarin ze worden opgeborgen.
Goed, mijn agenda om de verschillende afdelingen naar elkaar te laten luisteren en met elkaar mee te laten denken (vooral veel met gemengde kleine groepjes werken) lijkt te slagen. Je ziet het respect, begrip en de waardering voor elkaars activiteiten groeien.
Bottom line: hoe draagt dat wat wij doen actief bij aan het effectief uitvoeren van de Bijbelse opdracht om discipelen te maken van alle volken. Iedere stafwerker moet deze vraag in 30 seconden kunnen beantwoorden. Als er twijfel bestaat over het antwoord? Kappen met die activiteit.
Een groeiende organisatie zal haar administratie en HR activiteiten ook zien groeien. Hoe groter de organisatie, hoe (in absolute zin) groter de "pre en after sales" afdeling zal zijn.
Een opdracht die ik mezelf heb gegeven is om te zorgen dat er duidelijke verbindingen zijn tussen de ondersteunende en uitvoerende taken. Niemand mag zich kunnen verstoppen in een kantoortje om daar zijn of haar dingetje te doen. Echter, daar waar de capaciteit onvoldoende is, is het gevaar dat dat gebeurt, zeer groot. Geen tijd dan alleen voor mijn ding is de dood in de pot.
Dan kun je alle geld in de wereld hebben maar je organisatie wordt gereduceerd tot een vegeterend, zichzelf in leven houdend.. ding.

14 september 2011

Doet de lamp het eigenlijk wel

Gisteren een lamp gekocht voor de staande lamp in "mijn" kamer. Deed het niet. Zit ergens een kink in de kabel. Dus, toen ik vanmorgen wakker werd, douchte, me aankleedde en vervolgens op mijn horloge keek, veronderstellend dat het een uur of zes was, bleek het krap vijf uur te zijn. Terug naar bed is dan geen optie want dan gaat m'n haar in de war.
Vandaag begint de drie daagse rally: International HR planning and strategising. Een beetje spannend is het wel omdat het al lang geleden dat we als internationale HR staf om de tafel zaten.

1) Het geestelijke aspect is belangrijk. Eén zijn zoals de Vader en de Zoon één zijn is niet slechts een stereven. Het is is bitter noodzaak. Waarom?
De eenheid waar Jezus het over heeft (Johannes 15) is het bewijs voor het bestaan van God en daarom tegelijkertijd het meest effectieve en uitnodigende middel om mensen te bewegen om Jezus te gaan volgen.
Aangezien dit laatste de reden van ons bestaan als organisatie is, kunnen we onszelf niet toestaan om te verzanden in bureaucratie, silodenken en eilandhandelen. Juist een HR afdeling die een goed personeelsbeleid en -zorg voorstaat moet dat intern effectief vormgeven. Als wij het niet kunnen, mogen we niet van anderen verwachten dat ze het wel doen.

2)De toekomst is belangrijk. Als een organisatie meer dan vijftig jaar bestaat zijn er allerlei praktijken en gewoontes die de status quo bepalen. Zo kan een organisatie die stug vasthoudt aan methodieken, structuren en systemen, haar eigen grootse obstakel voor groei, verandering en effectiviteit zijn. Intermenselijke dynamieken spelen daarbij niet zelden een grote en bepalende rol. Dat is onacceptabel. We moeten vooruit. Met inachtneming van het verleden.

3) Gezamenlijkheid is cruciaal. Waarom doen we wat we doen en moeten we dat wel blijven doen? Om een mogelijke en/of noodzakelijke toekomst samen scherp op het netvlies te krijgen moet afgerekend worden met ruis. Persoonlijke hobby's, onderlinge vetes, onrealistische nostalgie en dagromerij; het maakt allemaal deel uit van het dynamische pakket dat samengesteld wordt door de werkers in een groep. Om daar doorheen een heldere weg voorwaarts te genereren is alleen maar mogelijk als de individuen in zo'n groep in staat zijn om het hogere doel voor ogen te houden. Daarom moet het genoemde onder '1' kristalhelder op het netvlies staan.

Aan meneer de voorzitter de taak om ons hier doorheen te navigeren. Vandaar dat het best wel een beetje spannend is.

13 september 2011

Los handjes fietsen

Fietsen zonder Jezus, dat kan dus wel en niet (zie Blog van gisteren). Maar los handjes fietsen blijft gevaarlijk, met èn zonder Jezus. Handen aan het stuur draagt constructief bij aan veilig fietsen!
Hoe draag ik constructief bij aan een leven dat lijkt op dat wat God oorspronkelijk heeft bedacht? Jezus maakt duidelijk dat Hij voor alle randvoorwaarden heeft gezorgd om Leven mogelijk te maken. Om dat te beleven en ervan te genieten wordt van mij gevraagd om me te houden aan Zijn woorden. Wanneer ik dat doe, zal er de vrucht zijn waar Jezus het over heeft; zijn leven in en door ons heen.

De rest van de week ben ik in Carlisle. Gisteren door bar weer de 217 kilometer van Liverpool naar Carlisle gereden. Errug veel wind en hoosbuien. Morgen beginnen de planning en strategie bijeenkomsten met 14 staf. Ik heb er zin in. Ben ik er klaar voor? Ach, als het allemaal van mij moet afhangen en men gelikte voorstellen, ideeën, oplossingen en een helder geformuleerde visie voor de komende vijf jaar verwacht, dan niet. Maar ik ben er helemaal klaar voor om de staf te betrekken bij de verdere vorming van visie en planning. Mijn boodschap en insteek is duidelijk en men begint er een beetje aan te wennen: Als we het niet samen doen, gebeurt er niet veel. Samen ontwikkelen, dragen en uitvoeren. Staf moet trots kunnen zijn op het werk dat we als HR doen. Mijn agenda is o.a. het creëren van een "WIJ" cultuur; niet alleen is het een Bijbelser model maar voor de continuïteit en de groei van de organisatie onontbeerlijk. Het verloop van staf in een christelijke organisatie is groot en de behoefte aan staf die zich voor langere tijd aan het werk wil verbinden is nog groter. Stafwerkers moeten een duidelijke stem en plaats in een organisatie hebben; ze moeten daadwerkelijk mee kunnen bouwen en ontwikkelen. Dan wordt het werk dat we doen ook hun werk.

12 september 2011

Fietsen zonder de hulp van Jezus?

Jezus zegt dat we zonder Hem niets kunnen doen. Gisteren vroeg ik aan de altijd braaf luisterende gemeenteleden (wat op zich een wonder is) of het mogelijk was om zonder de hulp van Jezus te fietsen. In plaats van fietsen zou je natuurlijk van alles in kunnen vullen. De feedback kwam erop neer dat dit blijkbaar heel goed mogelijk is; er zijn heel wat ongelovigen die heel goed in staat zijn om zonder hulp van boven zich per fiets voort te bewegen. Wat bedoelt Jezus dan als Hij dat zegt? We zijn als mensen tot grote dingen in staat. Daar zijn we het al snel met elkaar over eens. Dus, of Jezus zegt iets wat niet waar blijkt te zijn, of Hij heeft het over iets anders. Met andere woorden: wat is dat niets?

In metafysische zin kan de mens helemaal niets zonder de hulp van God. Elke inademing, hartslag en voetstap die we zetten is een gave van God die alles door Zijn woord bij elkaar houdt. Maar daar heeft Jezus het ook niet over hoewel het besef en de erkenning van de hulp van God in deze zin de mens tot intense dankbaarheid zou moeten stemmen.

In Johannes 15 legt Jezus zijn toehoorders uit dat de oorspronkelijke rank aan de wijnstok, Israël, niet de vrucht voortbracht die God had bedoeld. In Jesaja 5 wordt Gods bedoeling met die rank uiteengezet. Hij verwachtte goed bestuur en rechtsbetrachting maar het resultaat was bloedbestuur en geschreeuw (rechtsverkrachting). Het is tegen deze achtergrond dat Jezus zijn verhandeling over de wijnstok en de ranken houdt. En of het nu over Joden of over niet Joden gaat, in onze pogingen om goed te besturen en de wet nauwgezet te houden komen we altijd onszelf tegen; schieten we tekort in het nauwgezet en integer vormgeven hiervan. Onze oordelen, onze motieven; ze staan de ware vrucht vaak eerder in de weg dan dat ze de zaak goeddoen.
Nu zegt Jezus dat om die vrucht voort te brengen (in zijn liefde te blijven) er maar een mogelijke weg is en dat is het gehoorzaam doen wat Hij zegt (Joh. 15:10). En ook daar komen we onszelf tegen omdat we ons niet zo graag laten zeggen wat we wel of niet moeten doen! We bepalen bij voorkeur zelf wel wat we wel en niet doen.
Vraagt Jezus dan niet iets van ons wat eigenlijk onmogelijk is?
Het motief is van belang. In vers 8 zegt Jezus dat we door vrucht te dragen, de vader eren. We komen tot ons doel, onze bestemming en daar heeft God, de vader behagen (plezier) in. Mag ik dan concluderen dat de mate waarin het mij te doen is om de eer van God in mijn leven bepalend is voor de mate waarin ik bereid ben om te doen wat Jezus me opdraagt.
De Bijbel is toch en grote mate een "doe" boek. Maar gewoon doen heeft iets mechanisch als het Leven zelf daar niet aan ten grondslag ligt. Daarom is er de Geest; de leven gevende Geest van God die in de mens Zijn werk wil doen. Als ik me daarmee verbindt en Hem de ruimte geef (ja, daar komt discipline, bereidheid en gretigheid bij kijken) is er hoop op verandering.



6 september 2011

Conversatie

Naar aanleiding van mijn blog van gisteren en de reacties daarop van Phred (Ik denk dat hij Fred heet maar Phred is hipper) wil ik wat gedachten delen die te maken hebben met het fenomeen van kerkverlating. Phred schat dat er zo'n 300.000 gelovigen in NL zijn die de kerk hebben verlaten maar waar de kerk "nog in zit." Wat moeten we met deze talloze gedesillusioneerden, soms verbitterde, zeker teleurgestelde, in hun vertrouwen beschaamde, niet vinden wat ze zoekende mannen en vrouwen?
Het verlangen naar aansluiting is m.i. een door God geschapen behoefte. Het leven in een (zelfgekozen) isolement, is op lange termijn niet bevredigend en vervreemd mensen van zichzelf en de ander. Aansluiting vinden bij anderen draagt bij aan identiteitsvorming en mensbevestiging.
Wat ontbreekt, en als deze er al is wordt daar te snel snerend over gedaan, is een cultuur van conversatie. Men zegt wel dat praatjes geen gaatjes vullen (woorden helpen niet, waar men daden moet zien) maar dat is te kort door de bocht. Praatjes vullen wel degelijk gaatjes, met name het vacuüm dat de mens ervaart die zich in een isolement voelt, of daar is geplaatst.

In de politiek ontstaat een patstelling als de mogelijkheid tot dialoog is weggenomen. Zolang er een dialoog is, is er hoop en perspectief. Hetzelfde geldt voor ons persoonlijke leven. Ik moet mijn verhaal ergens kwijt kunnen; zonder perse gelijk te willen krijgen. Het gehoord worden en daarbij in mijn waarde te te worden gelaten, is van essentieel belang voor mijn mens-zijn. Neem dat af en ik trek me terug.

Met name in het Nieuw Testament vinden we een cultuur van conversatie. Dat was de kracht van Jezus en van de nieuwe kerk. Jezus zocht het gesprek op en, hoewel Hij een duidelijke agenda had, waren zijn gesprekken met de mensen die hij ontmoette altijd twee kanten op. Hij luisterde en reageerde op de zaken van het hart waarbij hij zich niet liet leiden door de religieuze agenda, maar door zijn boodschap van Leven. Als de Samaritaanse vrouw hem wil verleiden tot het doen van een uitspraak over welke twee van de bergen het beste religieuze centrum is, is zijn antwoord ongeveer "mevrouw, het is niet mijn taak om daar een uitspraak over te doen. Ik zou het graag met u willen hebben over Leven." Die zoektocht naar het Leven lag ten grondslag aan de vraag van de vrouw.

De kerk in Macedonië, de eerste multiculturele en internationale kerk, was in gesprek met de wereld om haar heen. Geen demonstraties of optochten maar het opzoeken van de ruimte die er bestond op de sociale, religieuze en wellicht ook politieke kaart om van daaruit gesprekken te faciliteren. In zo'n gesprek kom je er achter wat er werkelijk leeft en kun je antwoorden formuleren die stevig geënt zijn op de boodschap van Leven.

In een gemiddelde kerkdienst is die ruimte er niet. De ruimte die wordt geboden is op z'n hoogst een evaluatieformulier waarop men na de dienst vragen of opmerkingen kwijt kan betreffende de preek. Prima! Een mooi begin.
Maar er is meer nodig want kerk zijn we met elkaar. De uitdaging is om dat vorm en inhoud te geven. Nieuwe initiatieven grijpen vaak al snel terug op oude vertrouwde formules (zingen en preek) en weinig ruimte voor echt gesprek. Nu vraagt een echt gesprek grondige voorbereiding waarbij de grootste uitdaging het formuleren van de juiste vraag is. En een juist geformuleerde en gestelde vraag kan je leven radicaal veranderen.
Weet ik dan hoe dat moet? Nee.
Het is een worsteling en ik ga graag het gesprek aan met hen die zoeken naar het ontwikkelen van een cultuur waar plaats is voor de velen die zich niet gehoord weten. Een plek waar de openbaring van God in en door Zijn woord zich op een gezonde manier verhoudt tot de plaats van de mens in dat verhaal van God.

Chagall, Verdreven uit het paradijs.
Het gesprek was afgelopen. Al in Genesis 4 begint de mens het gesprek weer te zoeken door de naam van God aan te roepen!

5 september 2011

Wij of Ik

De traditionele leiderschapsparadigma is die van de baas aan het roer. De koers wordt bepaald door de leider en dat wordt ook van hem of haar verwacht. In crisissituaties wordt de beste man of vrouw geacht leiderschap te tonen door ferme beslissingen te nemen en desnoods flink door te rammen. Ben je in een dergelijke situatie niet voor de baas, dan ben je automatisch tegen en dus een bedreiging. Bedreigingen worden geëlimineerd.

Het creëren van een "wij" cultuur, waarin betrokkenheid, meedragen en medeverantwoordelijkheid de sleutelwoorden zijn, is niet eenvoudig. Ook al vindt het idee van een 'wij cultuur' gretig navolging, de uitvoering ervan vraagt meer van een leider dan advies van anderen inwinnen; een bijdrage vragen.

Is het een zwaktebod wanneer een leider het team meldt dat hij samen met dat team aan visievorming wil doen?

Het hang natuurlijk deels af van wat voor soort bedrijf je bent en welk product je verkoopt maar om daadwerkelijk betrokkenheid te creëren is het 'samen scheppen' cruciaal.

De menselijke kant in de zendingswereld krijgt te weinig aandacht. Werkers haken aan omdat ze geloven door de hand van God naar een organisatie te zijn geleid. Als echter op termijn die werker ontdekt dat er geen of weinig plaats is voor wat hij of zij vindt, kakt de loyaliteit aan die organisatie in als een plumpudding en gaat de betreffende werker op zoek naar een plek waar hij of zij wel kan meedragen en ontwikkelen.


Toen ik bij OM kwam werken, kwam ik 'helpen;' de leider had de visie, nam de beslissingen en zocht een team dat hem bij de reis naar de uitvoering van die visie 'hielp.' Gelukkig ontstond er door de jaren heen een verandering in cultuur waardoor ik me langzaam maar zeker 'mede-eigenaar' begon te voelen: een belangrijk motief om je voor langere tijd aan een zaak te kunnen en willen verbinden.


De belangrijkste reden waarom zendingswerkers afhaken is het tekort aan zorg voor hen als persoon. Velen voelen zich gebruikt, niet gehoord en een duidelijke plaats voor klachten en het uiten van zorgen is er onvoldoende; er is duidelijk geen 'wij cultuur.'


Twee dingen:

1. De individualisering is nog niet in zo'n extreme mate doorgewerkt dat er helemaal geen oog is voor het collectief. Individualisme frustreert op de lang termijn. Iedereen wil ergens bijhoren en organisaties en bedrijven kunnen in principe de transitie maken van 'ik' naar 'wij.' Het vraagt om een ander soort leiderschap.


2. Met name in het zendingswerk moeten werkers af van de illusie dat ze er alleen voor God zitten. Je zit er ook voor jezelf. Het 'jezelf wegcijferen' is een nobele gedachten en ik ken veel geweldige voorbeelden hiervan. Maar die 'wegcijfergedachte' is een eigen leven gaan leiden. "Ik kom om te dienen" wordt te gemakkelijk verward met het zichzelf zonder vragen te stellen onderwerpen aan het boven hen gestelde gezag. Dienen houdt namelijk ook een verantwoordelijkheid in. Dienen is niet alleen uitvoeren maar ook het actief bijdragen aan het welzijn van allen. En daarvoor is een kritisch meekijken van belang. Alleen een kritische meekijker kan constructief bijdragen. Helaas wordt dat kritische meekijken maar al te vaak uitgelegd als oppositie of bedreiging en wordt de criticus genegeerd of opgezadeld met een vermeend 'gezagsprobleem' waar uiteraard aan gewerkt moet worden.


Gelukkig gaan de ogen van een groeiend aantal leiders hiervoor open en wordt een plaats gecreëerd waar dit allemaal wel kan met als resultaat een sfeer van 'we moeten het samen doen.'

2 september 2011

Thuis en revoluties

Een droog bed, geen honderden mensen om me heen, dalend adrenalinepijl en rust. Wat heerlijk om weer thuis te zijn. Niet dat ik nu met tegenzin op de conferentie zat. Integendeel. Mensen om me heen geeft zoveel energie dat ik er altijd een beetje hyper van wordt, op de grens van borderline. De uitwisseling van ideeen en verhalen, de hart tot hart gesprekken; bijzonder motiverend en stimulerend. Ik zou niet zonder kunnen en willen.
Vandaag aan het werk om mijn bijdragen aan het gemeenteweekend van De Lichtstad in Eindhoven verder voor te bereiden (morgen). Ik heb er echt zin in. Zondag spreken in een doopdienst in Alblasserdam. Dat is altijd een feest en een mooie gelegenheid om een echt en levend getuigenis van de opstandingskracht aan het werk te zien.

Binnenkort een dag of negen naar China, een giga groot land dat niet alleen een economische groei doormaakt maar ook geestelijk aan het ontwaken is. De gebeden en de inspanningen van trouwe gelovigen in de afgelopen decennia werpt vruchten af. China heeft het potentieel om de grootste 'leverancier' van evangelisten en gemeentestichters te worden.

Al lange tijd is de dominante positie van het Westen op vele fronten aan het verschuiven richting tweede en derde wereld. Nu vaak nog op micro niveau maar het momentum is aan uitdijen.
Vorige week zocht een vrienden van ons contact met ons. Nadat we twintig jaar geleden deze kansarme jonge Indiase vrouw uit een achterstandswijk in Durban in staat stelden om haar droom om de wereld in te gaan om het Grote, Goede Nieuws te delen met iedereen dien het wilde horen, zijn de rollen nu omgedraaid: ze wil ons financieel gaan ondersteunen! Ze staat model voor de de nieuwe Zuid Afrikaanse yup. Velen zullen volgen.
Dominantie is altijd relatief en er is maar weinig voor nodig om het machtsevenwicht te doen omslaan.
In de christelijke literatuur is de Westerse voorsprong en dominantie vaak uitgelegd als zegen van God. Dat heb ik altijd vreemd gevonden omdat de prijs voor die zegen de armoede, uitbuiting en onderdrukking van anderen in zich draagt. Deze VOC mentaliteit kan alleen maar als zegen worden geïnterpreteerd als men niet verder kijkt dan de eigen neus lang is; rijkdom en voorspoed lijken altijd tot korte wipneusjes te leiden. De God van het recht lijkt daarbij partij te kiezen. En dat terwijl de Bijbel vol staat met instructies aan hen die zich de representanten van het Heil noemen, om op te komen voor de onderdrukten en armen.
Maar ja, als de massa brult, haakt de wereld aan.
De Arabische lente is daar een eigentijds voorbeeld van. Een brullende kritische massa heeft het vermogen in zich om een koerswijziging af te dwingen. En waar die koers het volk heen zal leiden; niemand weet het.

Een kleine 250 (voornamelijk) jongeren vertrekken morgen naar alle werelddelen om in het klein 'te brullen.' dat zal een koerswijziging ten goede tot gevolg hebben in de levens van velen. Uitkijkend over de zaal bedacht ik van de week dat enkelen van deze jonge, ambitieuze, idealistische jongeren in het kielzog van hun leven en getuigenis revoluties teweeg zullen brengen. Dat is een mooie gedachte. Ik wens ze van harte Gods zegen toe!