28 februari 2011

Redcliff 2011

Zojuist naar een impressie gekeken van het Redcliff Camp 2011, Eyre Peninsula in Zuid Australië, waar ik een week lang doorbracht met een groep jongeren en ouderen. Het is zo bemoedigend om berichten terug te krijgen waarin deelnemers spreken over veranderingen in hun leven als een gevolg van het onderwijs. En wat een mooie plek op de aardbol. De beelden roepen zoveel mooie herinneringen op. Als relatieve buitenstaander kun je vaak dingen zeggen die ingewijden wel denken, maar niet durven of kunnen uitspreken.
Gisteren sprak ik bijvoorbeeld in Lemmer. Na afloop vroeg iemand me of ik toevallig contact gehad had over het thema. het kon bijna niet anders, volgens mijn gesprekspartner, of ik had "inside informatie." Ik kan met de hand op het hart verklaren dat er geen overleg geweest is met wie dan ook. Blijkbaar was het thema zo actueel in de gemeente en de boodschap zo relevant voor het moment dat het niet anders kon dan dat het voorgekookt was. Ik kan niet anders dan concluderen dat, als er al iets is of was voorgekookt, de "schuldige" niemand anders is dan de Heilige Geest.
Dat maakt me klein en ongelooflijk dankbaar.
Kijk je mee naar de impressie? Klik dan hier.

27 februari 2011

Multitasking in het kleinste kamertje

Wachten en in rijen staan is onderdeel van iedere reis. Maar hoe benut je die tijd optimaal. In de lange rijen bij de immigratie in Melbourne had de Aziaat in de rij naast ons daar iets op gevonden. Planmatig en vastberaden trok hij met een klein pincetje de baardharen uit z'n gezicht. Nu lijkt dat een aardige klus als je de gemiddelde bebaarde Westerling als referentie neemt. Over het algemeen hebben Aziaten niet zo'n welige bos gezichtshaar, zelfs niet in potentie. Het lijkt meer op een jong bos in aanplant waarbij het aantal bomen zich nog gemakkelijk laat tellen. Toen hij eenmaal aan de beurt was, was hij echter nog niet klaar. Er stonden nog een paar frisse, jonge bomen. Misschien dat hij die later nog onder handen zou nemen, bij de bushalte, achter het stuur of gewoon thuis. Ik zag hem voor me, multitasking in het kleinste kamertje.
Hoe zou de man naar mij hebben gekeken. In ieder geval kreeg hij geen stoïcijns en gelaten afwachtende middelgrote Westerling te zien. Meer een druk gebarend en teveel geluid producerende man van middelbare leeftijd die met zijn zoon (of is het zijn partner) de reis aan het evalueren is. Maar dat weet de man niet. Die denkt waarschijnlijk, gezien de drukke en animerende expressies waarmee de twee hun dialoog voeren,. dat ze de wereldproblemen aan het oplossen zijn.
Nederlanders haal je er overal en altijd zo uit. Ze zijn namelijk luid en verliezen zich gemakkelijk in het gesprek met elkaar. De rest van de wereld doet er dan niet meer toe. Ze hebben namelijk recht op hun gesprek en wie ben ik dat ik wat over het daarbij geproduceerde geluidsniveau zeg?
Ik herinner me, op het stuk Amsterdam-Hong-Kong dat een clubje Nederlanders een paar rijen achter ons zat. Zelfs met oordoppen in en een koptelefoon op kon ik ze twaalf uur lang horen.
Ik schaamde me er een beetje voor. Maar vooral ergerde ik me eraan. Zien ze niet dat de rest van het vliegvee probeert te slapen? De meeste meereizende Aziaten ondergaan gedwee hun lot en zullen hun zwarte band gewoon opgevouwen of -gerold in de handbagage laten liggen.
Of volkje eigenlijk. Met en zonder eigenaardige baardtrimpraktijken.
En wat vooral tot me doordrong is dat God, zonder ook maar een millimeter te discrimineren, van iedereen evenveel houdt. Daar wordt een mens blij van.
Ik ga rijen. Naar Lemmer. Is een eindje weg maar ik heb er zin in.

26 februari 2011

Ik heb er een

Ik ben dan wel geen voorloper maar ik heb er wel een: een e-reader. Zo kan ik voortaan talloze boeken meenemen in een apparaat dat nog geen drie ons weegt. Meteen talloze klassieke e-pub boeken gedownload. Bovendien kan ik het apparaat gebruiken bij mijn preken. In plaats van papieren aantekeningen kan ik nu aardig zijn voor de bomen. Scheelt weer een paar takken per jaar. Ipad bezitters zullen smalend denken: "koop toch een Ipad, man." Zou ook leuk zijn maar dan is het gevaar groot dat ik andere dingen ga doen. Nu heb ik alleen maar een elektronische leesboek dat elektronische inkt gebruikt zodat opladen maar eens in de zoveel maanden hoeft te gebeuren.
Aardige bijkomstigheid is dat de reader die ik gekocht heb zo'n beetje "hufterproef" is: je kunt hem gewoon laten vallen. Mijn laptop is ook "hufterproef" ook wat me al goed van pas is gekomen. Bij de veiligheidscontrole in Hong Kong was ik vergeten de rits van mijn rugzak dicht te doen. Normaal gesproken zwiep ik die rugzak met een soepele, edoch enigszins wilde manoeuvre op mijn rug. Ook toen. M'n rugzak kwam het scanapparaat, ik deed m'n laptop erin en meteen trok ik de tas richting die zwiep. Met de rits open worden zware zaken gelanceerd. Zo vloog mijn laptop richting de linoleumvloer. Nu mis ik een klein stukje laptop; er is een hoekje afgebroken, maar het apparaat doet gewoon wat het moet doen.
Nu ga ik gauw weer verder spelen.

25 februari 2011

Jezushaat (2)

God mag. God is in. God is hip. Ik mijn God, jij jouw God en we zijn allebei blij met onze God. Ik niet met de jouwe en jij niet met de mijne maar we zijn blij voor elkaar dat we blij kunnen zijn met onze individuele God.
God is een nogal algemeen begrip geworden en een openbaar, zij het, geïndividualiseerd bezit. Er zijn echter groepen die voor het collectief bepalen hoe die God eruit ziet, en hoe ons leven zich tot die God dient te verhouden. Met mannen en vrouwen die niet op de toon van het door religieuze, en ook wel politieke leiders gecomponeerde liedje meezingen wordt korte metten gemaakt.

Vandaag las ik over de vrijlating van een Afghaanse man die vorig jaar besloot het keurslijf van de opgedrongen religie af te werpen en een volgeling van Jezus te worden. Deze vrijlating kwam tot stand door grote diplomatieke druk vanuit Amerika en Italië. Zonder deze internationale druk zou Said Musa zeer waarschijnlijk zijn onthoofd op opgehangen. Geweldig dat hij nu een vrij man is. Hoewel, vrij? Hij moet het land verlaten en zal de rest van zijn leven doorbrengen in een of ander Westers land, waar het de mens wel vrij staat om Jezus te volgen.
Ware vrijheid zou betekenen dat Said Musa in zijn eigen land, Afghanistan, Jezus kan volgen zonder dat hem dat belemmerd wordt.
Said is niet de enige Afghaan die in de gevangenis zat en de doodstraf over zich heeft horen uitspreken, als straf op de misdaad om Jezus te gaan volgen. Er zitten er nog meer vast. En stuk voor stuk zijn ze bereid om te sterven voor hun keuze.
Gewild of ongewild meelopen op de trom van georganiseerde en opgelegde religie is niet zo'n kunst. Het wordt als stoer gezien als men in de naam van die God acties onderneemt die als doel hebben anderen aan datzelfde keurslijf te onderwerpen.

Jezus wekt de woede en haat op van de wereld. Ik geloof dat dit te maken heeft met de weg die Hij voorstaat. De weg van de liefde. En de confrontatie met de liefde van God is een confrontatie met het vaak volkomen ontbreken van die liefde in het eigen leven en het daaraan gekoppelde onvermogen om te ontvangen. Jezus volgen betekent dat we ons eigen onvermogen onder ogen zien en onze georganiseerde en geïndividualiseerde, dan wel collectieve Godsbeeld inleveren en terug gaan naar 'start.' Met lege handen opnieuw beginnen.
Niemand heeft ooit God gezien. De enige zoon heeft Hem doen kennen. Je kunt niet om Jezus heen.

24 februari 2011

Overdopen (2)

De blog van enkele dagen terug met hetzelfde thema werd op het CIP geplaatst en de mogelijkheid om te reageren al snel uitgeschakeld. Blijkbaar roept het onderwerp talloze verhitte reacties op en ontaard de discussie al snel in een welles/nietes gescherm tussen opponenten en/of een semantische discussie. Een respondent meldde bijvoorbeeld dat "overdopen" in de Bijbel niet gevonden wordt maar wel de "geloofsdoop". Enig speurwerk ontkracht echter ook het bestaan van een geloofsdoop. Technische gezien komen beide termen niet in de Bijbel voor.
Ook zag ik in de gauwigheid nog iemand die meldde dat er niet te snel gedoopt mag worden omdat men er "niet klaar voor zou zijn." Zo'n laatste opmerking is een typisch Westerse kijk op de zaak waarbij het accent ligt op wat ik vind en voel.
De "wederdopers", onder leiding van o.a. Menno Simons, en later de Baptisten (vanaf het begin van de 17e eeuw) zijn bewegingen die hun oorsprong vinden in de reformatie. Waar Luther zich inspande voor hervormingen binnen het instituut (bijvoorbeeld: weg met de beelden en welkom de Bijbel) gingen de dopersen verder en durfden het aan om o.a. het heilige ritueel van de doop te bevragen. Menno Simons en Maarten Luther kunnen van een ding niet beticht worden en dat is dat ze de Bijbel niet serieus zouden nemen. Hun liefde voor het Woord heeft grote gevolgen gehad en het geloofsleven en -beleven losgerukt van het door de Roomsen geclaimde monopolie en intermediair op gezag, uitleg en toepassing.

De dopers werden, net als bijv. de Joden en de katholieken “gedoogd”. Ze waren er wel maar ze mochten hun geloof niet zichtbaar uitoefenen. De kerkgebouwen zijn daarom een eind van de rooilijn van een straat of weg af gebouwd. Soms zelfs zijn ze helemaal niet zichtbaar omdat ze achter de huizen middenin een bouwblok staan.

Waar we nu mee te maken hebben is een bijzonder groei onder de evangelischen. Massa geeft macht en kan eenvoudig leiden tot een superioriteitsdenken op het gevaar af dat deze nieuwe massa laatdunkend over de nieuwe minderheid doet. Nieuwe normen verankeren de nieuwe instituten. In de meeste baptistengemeentes kun je pas lid worden als je de geloofsdoop hebt ondergaan; het nieuwe lidmaatschapsbewijs waarna alle zegeningen en voorrechten van het behoren bij een groep genoten kunnen worden. Bepaalde pinkstergroeperingen geven je het gevoel, of spreken dat zelfs zo uit, dat er eerst een bewijs van het vermogen om in vreemde talen te spreken geleverd moet worden alvorens men zeker kan weten er bij te horen. Het idee van de meerderen die de minderen gedogen, zelfs het kleinste spoortje van superioriteitsgevoel dat het leven van de volgelingen van Christus kan binnendringen, dient als zonde te worden erkend en beleden.

Wat wil ik met deze blog aantonen? Eenvoudigweg dat een enkele paragraaf over de doop de gemoederen zo verhit dat de opdracht om discipelen te maken (ja, ik herhaal hier wat ik in mijn vorige blog schreef) al snel naar de achtergrond verdwijnt.
De toekomst en groei van de kerk hangt voor een belangrijk deel af van de bereidheid van haar leden om zich te verenigen rondom haar uit te voeren taak om discipelen te maken, ingebed in het overweldigende besef van "Sola Gratia." Deze taak, met haar kernboodschap zou de kerk vleugels kunnen geven.
Moeten we dan niet meer nadenken over de doop? Ik dacht het wel. Maar dan op zo'n manier dat we de hoofdzaak scherp weten te scheiden van de bijzaak.

23 februari 2011

Vervullend verlangen

Hier onze nieuwsbrief van Februari

De vrouw heeft geen kans gehad om zich intellectueel te ontplooien, had geen uitgebreide garderobe die de laatste modetrends reflecteerde en aan make-up deed ze ook niet. Haar huis is door de zon gebrand en het ontbrak haar aan de middelen om een leven buiten de zon en in schoonheidssalons door te brengen. Er moest gewerkt worden. Lange dagen. Broers, zussen; iedereen moest hard werken om de noodzakelijke levensbehoeften te vervullen. Geen tijd voor zichzelf. De belangen van de groep waartoe ze behoorde waren belangrijker.
Toch blaakt ze van zelfvertrouwen. Het leven had behoorlijk op haar ingehakt maar ze weet dat het haar ware schoonheid niet heeft aangetast. Ze is een mooie vrouw. Ze weet het en spreekt het uit. En is duidelijk verliefd. Idolaat van haar geliefde en op zoek naar een antwoord op haar liefde voor hem. De enige angst die ze heeft is dat ze dit antwoord moet gaan zoeken bij een ander. Haar geliefde lijkt zich namelijk te verbergen. Ze weet niet precies waar hij woont, hoewel ze wel aan zijn adres zou kunnen komen. Zonder hem te manipuleren spreekt ze haar angst uit om genoegen te moeten nemen met surrogaat liefde.
De gevoelens en verlangens zijn puur en echt. Je voelt de spanning tussen die twee terwijl we tot nu toe alleen haar kant van het verhaal horen. Na een paar verzen leef je al met haar mee: "Als dat maar goed komt. Als hij nu maar ziet hoezeer ze naar hem verlangt."
Zo begint de lofzang op De Liefde. In een paar brede penseelstreken wordt het verhaal neergezet. De herkenbaarheid in universeel. Verlangen naar de liefde die zich verborgen lijkt te houden. Het leven zelf staat tussen de onvervulde verlangens in. Dat neemt niet weg dat die verlangens echt zijn. Meer van Gods liefde. Alsjeblieft?
De manier waarop dat verlangen wordt vervuld is meer een proces waarbij de ontknoping wordt uitgesteld. De spanning blijft. Die lijkt zelfs nodig om de twee geliefden scherp en alert te houden.
Het beeld van een pelgrim dringt zich op. Altijd onderweg en nooit echt aankomen. Het is juist het doel, dat in de verte ligt, dat de pelgrim gaande houdt. Motiveert. Vult met nog meer verlangen en verwachting.
Vandaag reis ik weer een stukje verder.

Naar Hooglied 1:1-7

22 februari 2011

Onze nieuwsbrief

Hier onze nieuwsbrief van Februari

Allermooiste lied

Is het niet wat voorbarig als een schrijver, die nog heel wat te schrijven heeft, op een punt komt waar hij zegt "dit is het mooiste boek dat ik ooit geschreven heb of zal schrijven." Het zou toch best kunnen dat hij zichzelf met een volgende boek overtreft? Een slag om de arm houden zou verstandig zijn.
Toch doet hij het en Hooglied komt met deze lofzang op zichzelf ons leven binnenvallen: "Het lied der liederen," of, "Het mooiste lied onder de liederen."
De reden hiervoor is niet al te moeilijk vast te stellen. Het gaat namelijk over de liefde. En liefde kent geen overtreffende trap. In het Nieuwe Testament is het de apostel Paulus die van alle goede kwaliteiten, gaven en zegeningen zegt dat er altijd nog de overtreffende trap van "De Liefde" is (1 Kor. 12:31 en 13). Jonathan Edwards stelde vast dat God besloot om de mens te scheppen vanuit zijn overstromende liefde.
Maar is dat echt wat we nodig hebben? Liefde is namelijk een nogal kwetsbare aangelegenheid en heeft voor velen een ietwat zacht kader. Je kunt er op duwen en het geeft een tijdje mee; het deukt in, veert weer terug. Het heeft iets van een vloeibare substantie die de eigenschap heeft om zelfs de kleinste holtes te vinden en op te vullen, maar dringt zich niet op.
En daar begint het probleem. Die kleine en grotere holtes in de levens van velen zijn al opgevuld met zaken zoals afwijzing, boosheid, teleurstelling, misbruik, hardheid; de mens is maar moeilijk in staat om liefde te ontvangen terwijl men dat tegelijk wel wil. Het ontvangen van liefde is de grootste behoefte van de mens. Zolang de mens in staat is om deze te ontvangen kan hij ook geven. Bevestiging, veiligheid, waardering en aanvaarding vormen de juiste voedingsbodem om liefde te kunnen ontvangen. Maar het zijn juist deze zaken die vaak ontbreken en veranderen de mens in een "black hole" dat alle energie van anderen opzuigt om nog enigszins te kunnen functioneren.
De lofzang op de liefde die we in Hooglied vinden wekt een gevoel van heimwee op: "dit is wat ik wil en nodig heb." De beelden zijn sprekend, herkenbaar en doen je hart gewild of ongewild wat sneller kloppen: "Ik kan wel zingen van geluk, ja, jouw liefde is zoeter dan wijn."
Is het mogelijk om een leven te leiden waarin we weer in staat zijn om die liefde, die alle vrees uitdrijft, te ontvangen?
Dat is toch het wonder van het kruis van Golgotha waar Christus alle afwijzing, boosheid, teleurstelling, misbruik en hardheid, ook wel bekend als "de zonde," in zichzelf heeft opgenomen en de mens in staat stelt om weer te ontvangen en te geven! Ik doe graag mee.


Marc Chagall. Song of Songs. 1974. Oil on canvas. 46 x 55. Private collection.

20 februari 2011

Overdopen

Een kerkleider vroeg mijn mening over hoe om te gaan met mensen die lid willen worden van de kerk of middels een huwelijk de kerk binnen zijn gekomen, die niet "groot" gedoopt zijn maar wel als kind gedoopt. Na wat doorvragen begreep ik dat dit een groot probleem was in de kleine kerk die hierdoor onder behoorlijke spanning was komen te staan. Een aantal leden staat erop dat deze mannen en vrouwen zich alsnog laten dopen, terwijl anderen er meer ontspannen in staan.
Hoe kan het bestaan dat men toestaat dat deze discussie de toch al fragiele groep gaat beheersen. De kerkleiding durft geen standpunt in te nemen en de kwestie sleept nu al jaren en dreigt langzaam tot een kookpunt te komen.
Het "probleem" staat niet op zich. Wereldwijd staan discussies over relevante, doch secundaire zaken de opdracht van de kerk om discipelen te maken zozeer in de weg, dat het zicht op de uitvoering van die taak volkomen belemmerd is. Het resultaat is dat tienduizenden, honderdduizenden kerken meer naar binnen gekeerd dan naar buiten gericht zijn. Programma's die ten doel hebben om de schaapjes binnen te houden, ontelbare uren en middelen die geïnvesteerd worden in het ontwikkelen van een voor de plaatselijke groep unieke missie en visie, huishoudelijke reglementen en constituties die tot een goed gesmeerde organisatie beogen, terwijl ondertussen de wereld in brand staat en talloze zielen zonder hoop verloren gaan.
Verouderde en achterhaalde methodieken die willens en wetens in leven worden gehouden omdat met het altijd zo heeft gedaan. Zending en Evangelisatie zijn gereduceerd tot activiteiten die bij velen een wrange smaak oproepen.
We hebben er in de Nederlandse taal een woord voor dat dit compact samenvat: erg!

Het idee achter de doop is dat deze kort achter het moment van bekering plaatsvindt; een openbare gebeurtenis waarbij de te dopen kandidaat zijn zonden belijdt (we noemen dat tegenwoordig "een getuigenis geven") en te kennen geeft zich te willen bekeren om vervolgens Jezus te gaan volgen. Ouweneel onderstreept in zijn boek "Sta op, laat u dopen" een belangrijk punt met betrekking tot "overdoop;" het beoogde effect verdwijnt als mensen te lang wachten om zich te laten dopen. Het komt vaak voor dat mensen na hun bekering jaren, zelfs tientallen jaren wachten tot ze "er klaar voor zijn."
Ach, er is zoveel meer over te zeggen en te schrijven. Maar om er een kerk op te laten knallen?
We zijn en blijven met elkaar toch echt een stel tobbers. Ik wens de kleine kerk veel genade toe en bid dat God hen helpt om de hoofd en bijzaken te onderscheiden zodat ze zich ongehinderd kan toeleggen op de uitvoering van de opdracht om discipelen te maken van alle volken.

19 februari 2011

Traag reizen

Als je in een vliegtuig reist lijkt ieder uur twee keer zo lang te duren en er zijn momenten dat je je afvraagt of je ooit nog thuiskomt. Nadat stadsbus 33 ons bij de aan het eind van de straat gelegen bushalte aflevert en we toch echt weer thuis zijn, lijkt alle reisleed al snel voorbij en in zeer korte tijd is alles weer normaal. Wat is het goed om weer thuis te zijn! Martha houdt nog van me, en ik van haar. Wat kan ik nog meer wensen?
Lang stilzitten was er niet bij. Gistereavond vierden we in Rotterdam dat de eerste LOGOS precies veertig jaar geleden uit onze havenstad vertrok. 52 miljoen mensen hebben de afgelopen veertig jaar een van de schepen bezocht en talloze bezokers kochten of kregen op de schepen hun eerste Bijbel. Het brengen van Kennis, Hulp en Hoop zijn al die jaren de speerpunten van het schepenwerk. Ik had het voorrecht om een korte overdenking te verzorgen over Deuterenomium 8:2; "Gedenk de tocht." Het belang van terugkijken en het werk van God in onze persoonlijke geschiedenis en die van onze organisatie identificeren en markeren is van belang om voorruit te kunnen kijken. Het handelen van God in het verleden bouwt ons geloof voor de toekomst op. Met andere woorden, zonder geschiedenis is er geen toekomst.
Hieronder nog wat plaatjes uit Australie. Ik zou foto's van mensen kunnen plaatsen maar die zeggen allen mij maar iets. Deze plaatjes laten zien dat er schoonheid te vinden is in de meest triviale zaken die we in het leven tegenkomen. Een kadertje om een schelp, een stukje zeegras, een vogel of ding heen maakt een waakt bijvoorbeeld van een schelp, waarvan er tienduizenden op het strand te vinden zijn, opeens tot een wonderschoon estetisch object.




Wat dit is weet ik niet maar het nodigde uit tot inkaderen






17 februari 2011

Terug in de beschaafde wereld

Maar de vraag is of het wel zoveel beschaafder is. Acht dagen zonder internet en telefoon is niet zo onbeschaafd en het doet me denken over het voortdurend beschikbaar zijn en de talloze a.s.a.p. berichten. De aarde draait haar rondjes en de wereld druiste voort, zelfs zonder mijn actieve aanwezigheid en deelname. Een kamp aan een baai van een kilometer waar rust en stilte de klok slaan en dolfijnen regelmatig voor een spektakel zorgwen is een weldaad en doet me verlangen naar meer!
Een geweldige tijd gehad met zo'n zestig jongeren en de afgelopen vier dagen met volwassenen en gezinnen. Gesproken over Life Direction en met de volwassenen over veranderen nagedacht. Goede respons met als slagroom op het toetje de vraag of ik volgend jaar weer wil komen. Daar hoef ik niet al te lang over na te denken. Welke spreker wil zijn tijd nu niet investeren in een groep gretige volgelingen van Jezus met als bonus een haast paradijselijke omgeving waar de tijd lijkt te vertragen. Geweldig! Ik ben een gezegend mens. Om drie weken met Ruben op te trekken was een bonus. Wat een geweldige vent is het toch. Hieronder een paar foto's. Momenteel wacht ik op de laatste van vier vluchten vandaag die ons van Port Lincoln, via Adelaide, Melbourne en Hong Kong naar huis transporteert.

Ons onderkomen twintig meter bij het water vandaan



Spectaculaire zonsopgangen en -ondergangen

Vanuit ons onderkomen zo de zee in!

8 februari 2011

Dag Melbourne

Nog een uur en we vertrekken richting Adelaide en dan verder naar Port Lincoln om in de namiddag in Tumby Bay te arriveren. Onze tijd in Melbourne zit erop. Gisteren de laatste van zeven spreekjes in Eltham Bapist. Het is zo bemoedigend om relatief zoveel mensen te horen vertellen hoe hun nieuw verworven inzicht in hoe veranderingen plaatsvinden en hoe vlees en geest zich tot elkaar verhouden, tot keuzes heeft geleid die ertoe gaan bijdragen dat God meer de ruimte krijgt in hun levens. Het maakt van mij een bijzonder dankbaar mens.

Nu is mij vertelt dat ik de komende week waarschijnlijk buiten bereik zal zijn. Geen internet en sporadisch telefoonbereik. We zullen zien. Als deze blog hier over een week nog staat, is het waar. Verschijnt er morgen weer een blog, dan is het niet waar. Ik ga uit van het eerste. Kan het alleen maar meevallen.

14:20 (04:50 in NL) Update. We zijn in Adelaide geland en vertekken over drie kwartier naar Port Lincoln. Een keer bij McDonalds gegeten en bij Hungry Jacks (Burger King) nog ff bijgesnackt. Lekker man.


7 februari 2011

Je loopt dan door de stad...

...en denkt bij jezelf dat het overal hetzelfde is: mensen, teveel verkeer, teveel lawaai, kopen en verkopen. Melbourne zou net zo goed Amsterdam kunnen zijn. Of New York.
Ruben en ik dachten dat deze stad misschien anders zou zijn. We hadden het dus al gauw gezien. Een Israëliër probeerde me voor 160 dollar een potje met spul uit de dode zee te verkopen. Het is ook overal hetzelfde: wegwezen hier.
Gisterenavond m'n eerste (van twee) studies over Vlees en Geest. Ik ben niet verder gekomen dan mijn inleiding. Het was duidelijk dat God iets te zeggen had tegen de gemeente dus bleef ik bij de vierde "slide" hangen. Nog tien te gaan (vanavond) en het ziet er naar uit dat ik niet bij de hoofdmaaltijd aan zal komen maar bij niet veel verder zal komen dan de basis. Dat betekent ook dat ik volgend jaar terug moet komen om het af te maken. In de basisinleiding ga ik in op:
  • Het mechanisme van verandering
  • De latente onwil om te veranderen
  • Antropologie en verandering
  • Buitenkant versus binnenkant: Jezus en Petrus hameren op gedragsverandering. Die zichtbare verandering aan de buitenkant is de vrucht van iets dat binnen in ons heeft plaatsgevonden. Of is het een geforceerde aanpassing. Hoe verhoudt de opdracht om ons te gedragen overeenkomstig de normen die heersen in Gods koninkrijk zich tot de noodzakelijke verandering van het hart. Volgens Paulus, in Efeze 3, werkt God van binnenuit maar worden wij geacht om van buitenaf onze hartstochtelijke medewerking te verlenen.
Vanavond dus deel twee.

6 februari 2011

Supervolle zondag

Om zes uur aan de hardloop, omgeven en vergezeld door tientallen kangoeroes en een slimme vos. Wat een genot om op zo'n manier tien kilometer hard te lopen. Dat is wel want anders dan langs de Gordelweg en kleinpolderachtige scenario's. Twee diensten met achtereenvolgens rijen mensen die aandacht behoeven. Lunch bestond uit drie braadworsten die me door evenzoveel mensen werden aangereikt. De broodjes om de worsten heen werden getoedeledoki't. Trouwe bloglezers weten dat ik uit de buurt van gluten blijf daar deze apparaten een ongunstige bijdrage leveren aan potentiële hoofdpijnen. In de avonddienst heb ik samen met een aantal anderen een half avondmaal gevierd. De opkomst was veel groter dan verwacht en het aantal cupjes met semi-wijn te klein. Goede reacties op de preken en deze waren de aanzet tot twee studieavonden (maandag en dinsdag) over vlees en geest: wat is er nodig om tot ware verandering te komen. Ik zie uit naar wat God gaat doen en heb geloof voor een diepe en krachtige werking van zijn Geest. Morgen zal ik rapporteren. Morgen (maandag) ga ik met Ruben Melbourne is. Het is de enige dag dat we wat kunnen shoppen en bezienswaardigheden kunnen aandoen.

De zoetwaterdammen in en om Melbourne staan boordevol met water.

Papegaaiachtige die zaden uit je hand eet.
Ik dacht dat deze foto welk goed zou passen in de categorie "vogels, kleurrijk."

Een kaketoe die ook uit je hand eet waarbij je het risico loopt dat hij een vingertje meepikt. We zijn echter zonder kleerscheuren thuisgekomen.

Na de dienst nog even in de schemer op "kangoeroejacht." Wel gevonden maar te donker om nog vast te kunnen leggen. Dan maar een dode boom tegen de avondschemer.

Tawny Frogmouth (gespot door Ruben)
Podargus strigoides
Ruben en ik dachten dat het een uil was maar onze gastheer, Sam, wist te vertellen dat het een Tawny Frogmouth was. Er zal vast wel een Nederlandse naam voor zijn maar die is me even ontgaan... The Tawny Frogmouth is a much-loved Australian bird that is mainly nocturnal and has excellent camouflage. They are often mistaken for owls, but are related to the nightjars. They sit very still, trying to look like a piece of wood, before swooping on their prey, which can include rodents. They are quite approachable, although not tame.

5 februari 2011

Melbourne, maar dan nat

Man, wat is er veel regen gevallen vannacht. Daar kunnen we in Nederland nog wat van leren.
Vanmorgen om 7 uur draafde een man of dertig op voor een ontbijt en een toespraak. De toespraak zou moeten gaan over midlife. De midlife crisis is echter een gebeuren dat nogal buitenproportioneel is opgeblazen. In zekere zin bevindt ieder mens zich altijd in een bepaalde mate van crisis. Grofweg zou je kunnen zeggen dat de "midlife" plaatsvindt tussen de dag van onze geboorte en die van onze dood. Iedereen is altijd in transitie. Iemand die dat niet is, staat stil en dat wordt nooit als iets positiefs ervaren. In Prediker drie wordt uitgebreid verhaal gedaan van seizoenen en daaruit kunnen en mogen we afleiden dat we voortdurend onderweg zijn van het ene naar het volgende seizoen. Die seizoenen in onze levens hebben unieke kenmerken.
Daar hebben we het dus over gehad. Ik heb de mannen in leeftijdsgroepen opgedeeld en ze een overzicht gegeven van de "taken" die typische zijn voor hun levensseizoen. Als extra opdracht moesten ze nadenken over de vraag hoe ze "de vrees voor God" in hun levensfase zouden typeren. Die vrees voor God wordt door Prediker als doel van al die seizoenen genoteerd.
  • De 20-30 jarigen associëren het met onderwerping.
  • De groep van 30-40 associeert het met gehoorzaamheid.
  • De 40-50 jarigen maakten zich wat bezorgd over het ontbreken van de vrees.
  • Tenslotte meldden de 50-60 jarigen dat vrees door hen vooral vertaald wordt in een ervaring van heilig ontzag en verbazing.
Vervolgens nog twee sessies gedaan over mentoring met een man of zestig staf en leidinggevenden. Tenslotte wat gewandeld, gehangen en nu moet ik bepalen waar ik het morgen over ga hebben.
Werken dus terwijl de rest zich vermaakt met andere zaken.

Ruben als pakezel nadat Caleb z'n laarzen vol had laten lopen en blaren op z'n voeten kreeg.

Een aantal van die beesten, ook wel bekend als de broers en zussen van Skippy

Hier komt water uit een tunnel die normaal gesproken droog staat

Een uit de kast komende varen


3 februari 2011

Nattigheid, Duisternis en Vriendschap

Als het buiten donker is, wolken het maanlicht aan het zicht onttrekken en er geen kunstmatige verlichting is om de argeloze wandelaar op zijn tocht bij te staan, raak je de weg kwijt. Niet alleen dat, je vraagt je af waar de weg überhaupt is. Zo dacht ik op de tast m'n weg naar m'n onderkomen te kunnen vinden. Ik kan er van getuigen dat als het echt donker is dat niet gaat.
M'n LED eenpitter die normaal gesproken nauwelijks licht geeft, bracht uitkomst en scheen mij toe als een krachtige schijnwerper. Je kijk op dat soort zaken verandert vlugachtig: spreek nooit denigrerend over een mini zaklampje dat op een knoopcelbatterij loopt. In geval van duisternis kan zo'n dingetje het verschil maken tussen het slapen in een warm en droog bed of in de bush wachten tot het licht wordt of totdat er iemand met een zaklampje langsloopt.
Eigenschap van licht: het schijnt in de duisternis.
Andersom werkt niet: duisternis schijnt in het licht.
Clinic is over drie uur afgelopen. Vanmiddag voorbereiden voor drie toespraken morgen. De eerste om zeven uur in de ochtend. Mannen die ontbijten en naar een verhaal luisteren. Als ik klaar ben met praten, en zij met eten, krijg ik de restjes.


Hieronder: Het is een bijzonder voorrecht om met deze twee mannen, vrienden, samen te werken. "Licht" staat centraal in onze samenwerking en vriendschap. We kunnen elkaar alles zeggen. Het is heerlijk om samen te werken met mensen waarbij je niet het gevoel hebt voortdurend over eieren te moeten wandelen omdat de ego's en gevoelens in de weg staan. Dat kan als God met zijn licht in onze levens schijnt en we erkennen dat het niet langer om ons gaat maar om Hem en de ander.

Midden: Peter Nicoll, CEO OM Ships en rechts Rick Hicks die het OM werk in Canada, Amerika en het Caribische Zeegebeid leidt.



2 februari 2011

Verwoestend vuur

Het gebied waar de clinic plaatsvindt is twee jaar geleden volledig verwoest door een grote brand. 100 meter van het conferentiecentrum vandaan stopte het vuur. Honderden mensen vonden de dood. Vanmiddag liepen Ruben en ik door het jonge groen dat sindsdien is ontstaan. Met name tussen de verbrande bomen is veel en gevarieerd groen te zien. Zaden die jarenlang licht en warmte ontbeerden, kregen nu de kans om te ontkiemen en te groeien. Tussen het nieuwe, jonge groen staan de overgebleven, zwartgeblakerde bomen. Sommige bomen, schijnbaar dood, hebben het leven weer gegrepen en lopen uit.
Het is een wonder om te zien hoe uit totale chaos nieuw leven kan ontstaan.
Hieronder wat plaatjes van de bush.
Het is een krachtige herinnering aan de God van het leven die in staat is om uit onze chaos iets totaal nieuws te maken.




1 februari 2011

Stil maar toch weer niet

Het is warmachtig, zelfs een beetje heet. Gisteren 36 graden, vandaag wat koeler. Midden in de middle of nowhere waar geen verkeer of andere mechanische door mensen gemaakte geluiden te horen zijn moet men, als men wat wil zeggen, toch de stem verheffen. De ruimte waar we de clinic verzorgen staat vol met mechanische ventilators. We zijn in dag twee aanbeland en de clinic loopt lekker. Ben nog steeds een beetje zwaarmoedig maar ga ervan uit dat het vanzelf overgaat. Ik kan geen enkele reden bedenken waarom ik zwaarmoedig zou kunnen zijn...

Hieronder: Peter Nicoll en Rick Hicks in actie.