31 januari 2010

De stille strijd

Diep achterin het vliegtuig, op de laatste rij waar de stoelen geen ruimte hebben om achterover te hellen, geklemd tegen de toiletgroep, speelt de stille strijd zich af om wie het grootste gedeelte van de acht centimeter dunne, gedeelde armleuning mag claimen. Omdat ik als laatste in Mumbai aan boord ging was de middenstoel bezet door een Indiër die zijn territorium al had afgebakend. Een groot gedeelte van de nacht speelde de machtsstrijd zich zwijgend af. Je grijpt je kans als de buurman naar het toilet gaat. De Indiër heeft echter weinig gevoel voor priveruimte en vlijt zich zonder enige gene tegen mijn rechter bovenbeen en -arm aan. De wuft van zijn met mottenballen doordrenkte leren jas, bezwangerd de directe ruimte om ons heen en ik draai mijn hoofd in de richting van het gangpad waar de derrières van van andere, door hoge nood gedreven, medepassagiers zich tot op enkele centimeters van mijn reukorgaan opstellen. Na negen en een half uur vliegen en een tocht door de krochten van Heathrow airport ben ik eindelijk buiten. De koude, knisperende Londense lucht vult mijn longen; bijna thuis. Nog vier uur wachten op de laatste vlucht van dit drie weken durende Indiase avontuur. Ik ben een zeer gezegend mens!

30 januari 2010

India 21, Finale

Vandaag de grote dag. Ik ga weer terug naar huis. Vrijwel dagelijks contact gehad met thuis. Martha is zelfs aan de webcam. Het zag er grijs en grauw uit in Nederland.

Genieten was het de afgelopen week in de klas “Organizational Theories and Design.” Van alle onderwerpen heb ik hier het meest aan. Ik kan er meteen mee aan de slag en het heeft me bijzonder geholpen in het begrijpen van leer- en teamdynamiek. De prof heeft een aantal onderzoeken voor de Britse regering gedaan en heeft een container aan ervaringen en inzichten bij zich. Van hem wil ik graag meer leren en ik heb hem gevraagd om me te helpen in een aantal zaken waar ik binnen mijn werk tegenaan loop.

Gisteren m’n eerste slechte cijfer teruggehad. Een zeventje voor Person and Work of Christ. Ik snap er helemaal niets van, maar ook weer wel. De prof is uiterst Calvinistisch en ik weigerde om in al z’n gedachtegangen mee te gaan. Daar heb ik strafpunten voor gekregen, hoewel ik zijn commentaar op mijn werk nog moet zien. Ik heb hem een mail gestuurd omdat hij verplicht is zijn waardering voor de opdrachten duidelijk te motiveren. Aan de andere kant kan ik er wel mee leven. Een zeven was op de middelbare school het maximale dat ik kreeg. Als ik een acht kreeg vond ik dat ik te goed mijn best had gedaan en tijd had verkwist! Maar hier gaat het om meer.

Genoeg gemopperd. Vandaag reden tot blijheid. Over een paar uur ga ik mijn koffer pakken. Morgen afhaal chinees bij Martijn en Eveline in Amsterdam. Martha en Ruben (en hopelijk Ellen) komen me ophalen en we rijden dan door naar M & E. Ik kan niet wachten!

29 januari 2010

India 20, beknorren

SCOLD
schelden op, uitschelden, uitkafferen, uitfoeteren, uitvloeken, uitbrander geven, beknorren

Een veel gebezigde praktijk in India is "scolding". Mannen doen het naar hun vrouwen toe, onderwijzend personeel naar de leerlingen, superieuren naar ondergeschikten en teamleiders naar teamleden. Ik vroeg mijn buurvrouw hoe ze het vond om teamleidster te zijn. Ze vertelde me dat ze het maar niets vond omdat ze liever op vriendschappelijk basis met teamleden omgaat en nu moet ze ze publiekelijk beknorren als de ondergeschikte teamleden om wat voor reden dan ook niet in de pas lopen. Mijn suggestie dat er ook andere manieren zijn om ongewenst gedrag om te buigen in gewenst gedrag, werd weggewuifd. "Zo doen we dat en als ik stop me beknorren, verlies ik het respect van de teamleden en nemen ze een loopje met me."
Tijdens een college over machtsdynamieken vertelde een collega/medestudent me over de plaats van de vrouw in het gezin. "Als ik ontspannen tevee zit te kijken en ik heb de afstandsbediening nodig roep ik mijn vrouw uit de keuken en, omdat ze van me houdt en me graag dient, zal ze me met vreugde de afstandsbediening aanreiken. Ik dacht dat hij een grapje maakte maar de andere getrouwde mannelijke studenten vielen hem bij. Mocht de vrouw besluiten dat haar echtgenoot de afstandsbediening best wel zelf kan pakken, volgt er een serieuze beknorring. Ik vertelde hem dat, als ik zijn vrouw was, hem minstens een knietje zou geven!

28 januari 2010

India 19, David's lijst

Na drie jaar academische studie in Bijbelse interpretatie, systematische theologie, communicatie, interculturele intelligentie, counseling, ethiek, enz. mag je verwachten dat een gemiddelde student het een en andere heeft geleerd. Twee medestudenten, een zakenman en de hoofdmeester van een school hadden wat vragen voor over de heiligheid van de christenen in Nederland. Voor het gemak noem ik ze allebei David.

David: “Hoeveel leden in de kerk?
Ik: “Een paar honderd.”
David: “Leven ze allemaal een heilig leven?”
Ik: “Ik hoop het van harte, maar dat weet ik natuurlijk niet, ik kan dat niet controleren.”
David: “Maar wat doe je als ze een keer niet naar de samenkomst komen?” (Een samenkomst is naast de zondag ook de wekelijkse Bijbelstudie en de wekelijkse gebedsavond).
Jan: “Niets, ze komen dan de volgende week wel weer opdraven.”
David (met een verbaasde blik): “Maar je moet ze dan meteen opzoeken en vermanen.”
Jan: “Ik dacht het niet, ze hebben hun eigen verantwoordelijkheid naar God toe en bovendien hebben we de kringen van waaruit actie wordt ondernomen als een van de leden aan structurele absentie beginnen te lijden.
Zou ik nu een vraag mogen stellen? Hoe ziet een heilig leven er volgens jou dan uit?”

David pakt een vel papier en zonder blikken of blozen schrijft hij in een twintigtal tellen het volgende voor me op:

  1. Niet naar de bioscoop
  2. Geen alcohol
  3. Gezinsgebeden
  4. Vasten
  5. Voorbede
  6. Bijbelklas
  7. Geloof
  8. Hemels Burgerschap

David voegt toe: “Zo ziet het leven van een christen eruit.” Vervolgens krijg ik een uiteenzetting over de opwekkingen die onder John Wesley plaatsvonden. Dat zou volgens David het model moeten zijn voor onze tijd

Ik zal geen verslag doen van de discussie die hierop volgde maar ik uit wel mijn verbazing dat na drie jaar studie dit een van de resultaten is. Sommige tradities, geestelijke, culturele en sociale erfenissen hebben zich zo diep in ons wezen genesteld dat er meer voor nodig is dan (interculturele) studie om een gezondere en meer gebalanceerde kijk op het (christelijk) leven te krijgen.

Later in bed, starend naar het plafond, denk ik terug aan ons gezprek en besluit dat, als David’s leven en denken deels wordt bepaald door een vastgeroeste kijk op iets, dat bij mij ook het geval zal zijn. En dat is inderdaad zo. Ondanks alle studie, leren en lezen in mijn leven, waarbij ik me verdiep in de volmaakte wereld en het volmaakte leven is de praktijk weerbarstiger. En dat bewustzijn geeft 1) ruimte aan de ander en 2) en helpt je om jezelf niet al te serieus te nemen.

27 januari 2010

India 18, Verplichte kost

Wat is toch het vreemde fenomeen dat, wanneer iemand mij tot iets verplicht, alles in mij in opstand komt en het tegenovergestelde wil doen? Vandaag is er een hotemetoot op de campus en wordt iedereen geacht naar zijn praatje te komen luisteren. Het is een soort van auditor die “controleert” of het instituut aan de voorwaarden voor kwalificatie voldoet.

Terugkomend op de vraag en nadenkend over het antwoord kan ik een antwoord formuleren. Om meteen “de zonde” te roepen is iets te kort door de bocht. Iemand heeft het eens zo naar mij geformuleerd: “Jan, jij hebt een gezagsprobleem.” Dat wist ik al. Maar betekent dit, dat iemand die zich gezeglijk naar het praatje begeeft en zich voegt naar het over hem gestelde gezag, geen gezagsprobleem heeft? Zijn gezagsprobleem kan net zo groot, of misschien wel groter zijn, alleen manifesteert het zich anders. Eigenlijk hebben we allemaal een gezagsprobleem.

Gezag bevragen en gedwee voegen zijn  slechts uitingen. Het hart erachter kan hetzelfde zijn. Iemand kan zich gedwee voegen omdat angst voor straf hem motiveert. De ander die zich manifesteert als non-conformist kan dat doen vanwege zijn negatieve ervaringen met eerder (misbruik van) gezag in zijn leven. Is het een beter dan het ander?

Waarom gehoorzaamt een gelovige God? In onze kerken groeien we op met het idee dat we Zijn gezag nooit mogen bevragen. Gedwee en gehoorzaam volgen wordt gezien als een deugd en uiting van nederigheid. De verkenning van de vraag “waarom” wordt al gauw geassocieerd met rebellie en geassocieerd met zonde.

“Leer mij volgen zonder vragen,” klink heerlijk heilig en berustend het zo bekende lied. Echter, nergens in de Bijbel worden we opgeroepen om te volgen zonder vragen. Alsof er een bordje om Gods nek hangt met daarop de woorden, “Verboden vragen te stellen. Wat Ik doe is altijd goed. En daarmee zul je het moeten doen.” Dat “vragen” wordt door ons snel geassocieerd met kritiek. De betekenis van “vragen” is echter meer een zoektocht naar zin en betekenis. En daar is denk ik niets mis mee. Wanneer iets zin en betekenis krijgt wordt het volgen en gehoorzamen alleen maar rijker en de onderwerping aan Zijn wil dieper.

26 januari 2010

India 17, In elkaar's macht

De pronk van de Jordaan ligt verwoest. Ik durf de parallel aan met de kroon op God’s schepping die, onder Zijn macht vandaan, is overgeleverd aan de macht van zijn naaste (Zach. 11:6). Aan elkaar overgeleverd staan we in een machtsverhouding tot elkaar. Status, kaste, opleiding, vermogen bepalen wie wie mag dienen of commanderen. Je hoeft er niets voor te doen. De machtsverhoudingen zullen niet altijd aan de buitenkant zichtbaar zijn, ons hart weet wel beter!

Gisteren met wat medestudenten een vorig jaar afgehaakte studente opgezicht. Twee uur met de autoriksja heen, anderhalf uur in het centrum van Secunderabad met haar krankzinnige verkeer gewacht, een uur gegeten en anderhalf uur terug. De stroom bedelaars die in die anderhalf uur van wachten me aanklampten eindeloos en de aanklacht in mijn hart meedogenloos. Wie krijgt wat en wanneer stop ik. De een geeft nooit. Uit principe niet of omdat er een complottheorie heerste die de Indiërs doet geloven dat de bedelaars eigenblijk stinkend rijk zijn en verenigd zijn in bendes. Ik trek een grens als de muntjes op zijn en er alleen papiergeld in mijn portemonnee zit. Maar, zegt een stemmetje in mijn hart, als je dat ook weggeeft zit er zelfs nog geen deukje in mijn bankrekening. Ik troost me met de gedachte dat niemand papiergeld weggeeft en verschuil me de meerderheid.

En zo sta ik daar. In hevig conflict met mezelf. Het huilen staat me nader dan het lachen. Ik voel me machteloos en hypocriet.

Ja, het hart is arglistig en de stroom bedelaars schijnbaar eindeloos. Het conflict gaat niet weg en ik realiseer me dat mijn probleem pas echt groot is als dat wel zo zijn.

25 januari 2010

India 16, Doorgespoeld potentieel

Het klinkt wat vergezocht en de gemiddelde westerling zou niet zou gauw op het idee komen maar de twee belangrijkste hindernissen voor de opleiding van jonge meisjes uit de landelijke gebieden in India zijn transport en toiletten. De infrastructuur van het openbaar vervoer is ontoereikend. Waar jongens nog kunnen liften is het gebrek aan of ontbreken van OV voor meisjes een onoverkomelijke hindernis. Dus haken ze voortijdig af en blijven ze thuis.
Slechts de helft van alle openbare scholen heeft toiletvoorzieningen. Van de scholen die wel toiletvoorzieningen hebben heeft 4 op de 10 geen aparte vorzieningen voor meisjes, is bijna 15% van de toiletten permanent op slot en is 50% onbruikbaar. Waar de jongens nog een boom of een muur op kunnen zoeken houdt het hier voor de meisjes echt op. Zelfs in een grote stad als Mumbai is de drop-out onder meisjes hoger dan bij de jongens vanwege het ontbreken van sanitaire voorzieningen.
India heeft nog een lange weg te gaan. Goed om even bij stil te staan als je straks de WC doorspoelt.
(Bron: The Hindu, Zondag 24 Januari)

De toegang naar de campus

Hier je auto maar niet parkeren

24 januari 2010

India 15, Prijskaartjes

Ik zit aan tafel met een Indiaas echtpaar en een jongeman uit een streng moslimland. Deze man is zes jaar geleden tot radicale bekering gekomen. Hij vertelt over dromen, visioenen en interventies van God. Zijn leven is er niet gemakkelijker op geworden maar aan terugkeren naar de uitzichtloosheid van religie moet hij niet denken. Teamleden worden met de dood bedreigd en hij wordt vrijwel de gehele dag in de gaten gehouden. Naar een kerk gaan brengt anderen in gevaar dus komt hij ondergronds samen met een aantal andere gelovigen. GSM telefoons en landlijnen worden afgeluisterd en openbare telefoons kunnen vaak maar enkele keren worden gebruikt. Altijd en overal moet men waakzaam en voorzichtig zijn. Regelmatig worden christenen vermoord om hun geloof.

Het echtpaar vertelt over twee aanslagen, eenmaal met zelfgemaakte bommen en de tweede maal heeft men geprobeerd hun huis in brand te steken. De schade bleef beperkt tot een uitgebrande motorfiets.

Christus is een aanstoot voor de wereld en het volgen van Hem leidt tot haat, doodslag en verbanning van familie en vrienden. Waarom ergert de wereld zich zo aan Christus? Er zijn heel wat redenen te bedenken waarom goeddoen in Jezus naam kan rekenen op de haat van velen maar welke je ook bedenkt, elke logica eraan ontbreekt!

Wat me opvalt is, dat waar de prijs voor het volgen van Jezus het hoogst is, de toewijding aan Hem alleen maar groter lijkt te worden en het geloof en vertrouwen in Hem eenvoudiger. Dat is een generalisatie, want er zijn er velen voor wie het prijskaartje te hoog is en daarom afhaken.

Als ik het leven in het verwende Nederland er tegenover zet is mijn geloof een geloof op en rondom het pluche. Onze “problemen” in de Nederlands kerk zijn vooral luxe problemen waardoor we vanuit onze luie stoelen kunnen zeuren over wel of niet een schepping in zeven dagen, wel of geen opname van de gemeente, en elkaar met theologische, filosofische en wat voor “ische”pijlen dan ook kunnen bestoken. En, hoewel die strijd in z’n algemeenheid een gentlemenachtig karakter heeft, met her en der wat vuur, vuil en gifspuwerijen (kijk eens op CIP platform en zie hoe reacties op artikelen en opinies soms ontaarden in een heksenjacht), blijven we naar elkaar glimlachen.

Vandaag sta ik stil bij de duizenden die lijden om Christus wil en de velen die vandaag om Zijn naam gedood zullen worden. Ik denk aan hen die aan theologische discussies niet toekomen omdat de essentie van het volgen van Jezus, God liefhebben boven alles en de naaste als jezelf, hen al genoeg kopzorgen bezorgt. Voor hen geen uitverkoop met kortingen tot wel 90%.

p.s. Vandaag gigantisch door mijn rug gegaan bij het doen van mijn wasje. Misschien omdat het zondag was en ik in de kerk zou hebben moeten zitten? Ik schuifel als een oud gebogen mannetje over de campus.

23 januari 2010

India 14, Pizza en gezichtsverlies

De rust in Hyderabad is weergekeerd en de winkels en scholen zijn weer open. Ook Domino's pizza. Tussen alle curry's door is een pizza vreselijk lekker! Vandaag nog negen lesuren en dan morgen zondag! De professor communicatie en de decaan van de college hebben een communicatieprobleem. De een denkt dat de ander dit zegt en andersom. Wij, arme studenten, zijn de dupe maar dat valt dit keer in ons voordeel uit.

De prof verkeert in de veronderstelling dat er een examen gedaad moet worden; het college zou dat vereisen. Maar het is een misvatting en dat proberen wij hem al de hele week duidelijk te maken. Maar hoe meer wij ons best doen om het te overtuigen van zijn ongelijk hoe vastberadener de prof zich vastbijt in zijn veronderstelling. Een klassiek voorbeeld van gevoeligheden in interculturele communicatie. De prof is chinees en zijn ongelijk toegeven zou voor hem gezichtsverlies betekenen. Derhalve krijgen we nu een "open boek" examen mee naar huis. Dat betekent dat het onmogelijk is om een onvoldoende te halen en ik beschouw dit subject dan maar als een freebee. Geen 1000 bladzijden lezen en een samenvatting of kritiek schrijven of een communicatieplan ontwerpen maar een ouderwets examen. Grappig en toch leuk.

22 januari 2010

India 13, Gesloopt

Je zou verwachten dat een lichaam na 10 dagen, 90 lesuren en nachten met nauwelijks slaap helemaal gesloopt zou zijn. Nou, nee dus. Tot drie uur vanmorgen lag ik wisselend met wijd open ogen en boeken lezend, zuchtend te wachten op het zandmannetje dat maar niet kwam. Als kind had ik die fantasie al en bad regelmatig of God het zandmannetje snel langs wilde sturen. Toen al verpest door de media; ik ben namelijk opgegroeid met Klaas Vaak.
Dat was een soort Sesamstraat maar van anders. Het was ook het enigste programma waar je rondom die tijd naar kon kijken want Nederland twee bestond toen volgens mij nog niet.

Enfin, het zandmannetje kwam ultra laat en om zes uur bonkte m’n overbuurman op m’n deur om me eraan te herinneren dat we samen zouden gaan hardlopen. Die heb ik in z’n eentje India ingestuurd, ben toen nog vijf minuten blijven liggen en er toch maar uitgegaan. Het zandmannetje had wel heel erg weinig zand in mijn ogen gestrooid.

Tussen de bedrijven door houd ik de dagelijkse stroom van Member Care gerelateerde E-mails bij. Best wel lastig omdat in mijn gedachten OM en Member Care ver weg lijken maar dat is slechts illusie.

Vandaag vol goede moed er tegenaan! God is goed en ik ben een bijvoorrecht en dankbaar mens.

21 januari 2010

India 12, de Heer is de Herder?

Als je de gigantische hoeveelheid tegenstellingen, overtuigingen, leerstellingen, zin en onzin betreffende het christelijke geloof op een rijtje zet, vraag je je af hoe dat mogelijk is. Het valt echt niet allemaal onder de noemer van aan “kleurrijke God.”

Een herder, een kudde; die uitspraak van Jezus kennen we wel. Een schaap is toch een schaap? In Zacharia spreekt de Heer tegen de waarzeggers die leugens schouwen en terafim die ijdelheid spreken. Wee de profeten die de kudde met lasten beladen die ze zelf niet kunnen torsen.

Het verbaast me steeds meer dat zoveel christenen zichzelf toestaan onder grote druk en verwachtingen van leiders en voorgangers te leven. Het lijkt wel alsof de overgrote meerderheid van de mensheid zich wil laten manipuleren en voorzeggen wat te doen. Gisteren gaf een prof mij m’n “Learning Portfolio” terug met de opmerking dat ik me aan zijn stramien moet houden. Ik weet dat zijn stramien mij geen centimeter verder helpt maar wat doe ik? Ik pas me keurig aan. Waarom? Als ik me verzet en het op mijn manier doe, is dat van grote invloed op mijn “cijfer, ” zeker omdat de prof een Aziaat is. Mijn eigen hachje staat op het spel; mijn zekerheid en welbevinden.

Ik denk dat dit de psychologie achter het verschijnsel van aanpassing is. Bij de groep willen horen, je identiteit willen borgen in de goedkeuring van anderen. Echter, op de lange duur verdwijnt de opperherder uit het zicht. In Hem hebben we alles wat we nodig hebben.

Vandaag wil ik me graag laten leiden, inspireren en gezeggen door die ene, waarachtige herder. Moge het leven van Jezus mij in alle facetten van mijn leven bezitten.

20 januari 2010

India 11, Rellen en Minimoppertje

De Telangana streven naar een onafhankelijke staat binnen de staat Andrah Pradesh. De spanningen nemen toe. Gisteren staken drie mannen zichzelf in brand om hun protest kracht bij te zetten. Voor vandaag is er een staking uitgeroepen. Iedereen die werkt wordt gedwongen om het werk neer te leggen, desnoods met geweld. Twee uur geleden drong een groep van zo’n 30 Telangana de campus binnen en zorgden voor een hoop onrust. Vanmiddag komen ze terug. We hopen dat dit niet escaleert en dat we de autoriteiten er buiten kunnen houden.

Ik had mezelf voorgenomen om deze week nergens op te mopperen. Ik houd het al drie dagen vol maar ik moet me heel erg inhouden. Als ik het principe uitleg, is dat denk ik nog net geen gemopper. Over het algemeen gaat men ervan uit dat iemand die een doctorsgraad heeft, kan onderwijzen. Maar lesgeven en jezelf specialiseren in een minuscule elementje van het leven zijn twee totaal verschillende grootheden. Dat moet ik deze week helaas weer ondergaan en ik heb serieus overwogen om het betreffende vak maar helemaal te schrappen. Was het vorige week zuchten, nu is het een marteling! Daar staan drie vakken tegenover waar ik veel aan heb en ook van leer. Een mooie netto balans dus!

Dat was het voor vandaag. Tot morgen.

19 januari 2010

India 10, Inauguratie

Zojuist een lintje doorgeknipt! Een stichting in Nederland heeft zes computers gedoneerd en er moesten zes lintjes geknipt worden. Omdat ze uit Nederland kwamen moest een Nederlander natuurlijk een lintje doorknippen. Een anderen Nederlander, twee senior faculty en twee dames knipten er de overige vijf lintjes. Na de ceremonie was er Sprite en Pepsi.

In Nederland installeren we zo’n computer en gaan aan de slag. Doe maar gewoon, zeggen we dan. Toch heeft het wel iets dat je met elkaar stilstaat bij het feit dat we in alles afhankelijk van God zijn en blijven. Het idee dat we iets zelf verdienen is relatief of zelfs een illusie. Het is God die de zon doet opkomen en het laat regenen. Neem dit weg en alle leven verdwijnt.

18 januari 2010

India 9, Vol

Vanmorgen voor het eerst hardgelopen. Om zes uur is het echter nog aardedonker en in combinatie met het ontbreken van straatverlichting moet ik voortdurend alert zijn op tegemoet-, of achteropkomend verkeer. Maar ik heb het overleefd. Deze week zit supervol. Twee nieuwe vakken: 'Communication Theory and Design' en 'Organisational Design and Function'. Ik heb er zin in!

17 januari 2010

India 8, Rust...

M’n voetstappen klinken hol als ik me door de verlaten krochten van Accommodatieblok 2 naar mijn kamer helemaal achterin de gang begeef. Het is zondagmiddag drie uur en als ik niet beter had geweten zou het zomaar kunnen dat ik alleen op de wereld was en/of dat de zogenaamde “opname van de gemeente” had plaatsgevonden. Achter de deuren van de talloze kamers en kamertjes houden de studenten echter siësta. Ze hebben er allemaal 50 uur aan lezingen opzitten en blijkbaar wordt er op zondagmiddag slaap ingehaald. Zelf loop of lig ik liever in de zon. Maar die brandt ongenadig fel vandaag dus dan maar aan de krant. Twee weekendkranten (5 eurocent per stuk) gekocht en de Sudoku’s gemaakt. Geert Wilders haalt ook hier de kranten!

Voor vanavond heb ik een feestje georganiseerd en de groep die meegaat naar Domino’s Pizza wordt met het uur groter. Hoewel een enorme liefhebben van curry’s, is het na zeven dagen en drie curry’s per dag wel een aantrekkelijk idee om een grote overvette pizza weg te kanen en deze weg te spoelen met een halve liter Pepsi cola.


Voorbijgangster

Grazende koeien. Lekker malse grasjes.

s
Sommige studenten slapen in de klas. Dat kan en mag niet!

16 januari 2010

India 7, Waarom?

N.a.v. Blog 3 vraagt Kees waarom ik doe wat ik hier doe als het met zoveel gezucht gepaard gaat. Dat is een vraag waar ik wel eerder over heb nagedacht en heb daar ook wel een antwoord op.
1) Een formele studie met graad "bevrijdt" mij van OM. Ik wil niet het gevaar lopen in OM te moeten blijven omdat ik niets anders kan. Niet dat ik de intentie heb om bij OM weg te gaan maar ik heb geen idee hoe mijn leven er over twee, drie jaar uitziet.
2) Beïnvloeding door prediking is iets wat ik heel graag doe maar de komende jaren wil ik me meer gaan toewijden aan het lesgeven. Deze academische graad geeft mij een gelegenheid om de levens en het denken van de toekomstige geestelijke leiders te helpen vormen.
3) Mijn verwachtingen waren hooggespannen toen ik aan de studie begon. In sommige gevallen komen die verwachtingen overeen met wat wordt aangeboden. In andere gevallen in het geheel niet en valt het aangebodene me gewoon tegen. En dat heeft niets met het onderwerp zelf te maken maar vooral met de manier waarop, en het tempo (gebrek daaraan) waarin het wordt aangeboden. Gortdroge lezingen over welk onderwerp dan ook roepen aversie bij me op. Het is niet geheel mijn leerstijl.
4) Als ik opnieuw voor de keuze zou staan, zou ik het weer doen. Ondanks mijn regelmatige gemiep en gegriep heeft het leren met anderen en in een andere cultuur een behoorlijke impact op me en de manier waarop ik bijvoorbeeld nu (s)preek. Miepen en griepen lijkt ook inherent te zijn aan het weg zijn van huis. Ik heb altijd heimwee. Tegelijk ben ik een bijzonder bevoorrecht persoon dat ik dit kan doen!
5) De 30 uur "Theology of Worship" van de afgelopen week sterkt mij in de overtuiging dat er meer gesproken en gestudeerd worden over de "Theology of Worship"maar dan wel op zo'n manier dat er niet alleen informatie wordt gegeven maar dat het op zo'n manier gebeurd dat mensen zelf ontdekken dat er wellicht iets schort aan hun referentiekader en vervolgens samen zoeken naar cultureel relevante oplossingen die er toe bijdragen dat we een leven in aanbidding kunnen leiden dat recht doet aan de Bijbelse betekenis en invulling daarvan.
6) In het kader van Zorg voor onze Werkers, hetgeen ook inhoudt dat we ze helpen bij hun geestelijk en academische ontwikkeling, is het van belang dat de training die we ontwikkelen en aanbieden van voldoende kwaliteit is om, waar mogelijk en relevant, geaccrediteerd wordt. Dat heeft tot gevolg dat we binnen onze organisatie voldoende (academisch) nivo in huis hebben om dat te kunnen waarborgen. Dit is een gevoelig onderwerp. Zelf ben ik ervan overtuigd dat dit de toekomst van Zending is. De wereld verandert en ook de manier waarop we tegen zendingswerk aankijken. Op die veranderingen moeten we inspelen en zo nodig zelf voorop willen lopen om deze te promoten.

15 januari 2010

India 6, Worship en Verduistering

Vandaag weer vijf uur lezingen over “worship”. Naarmate de week vordert wordt het duidelijker voor me dat we misschien een poosje het woord “worship” of “aanbidding” niet moeten gebruiken, zodat we af kunnen kicken van de bijverschijnselen die rondom dit begrip is ontstaan. Een “tijd van aanbidding,” een “aanbiddingsdienst,” een “moment van aanbidding;” begrippen die allemaal het idee van ‘maakbaar’ in zich dragen, een begin en een eind, een ding dat wij doen. In het Engels komen we ook de “worshiphall” of “worshipcenter” tegen; de ruimte waar men op zondagochtend samenkomt. Ik bezocht met vrienden een dienst in Illinois waar de grote samenkomsthal alleen voor de zondagochtenddienst gebruikt mocht worden. Die zaal was heilig. Voor de talloze bruiloften die in deze grote kerk plaatsvonden werd een nieuw hal gebouwd,een project dat in de miljoenen dollars liep. Deze misplaatste toepassing van “worship” is te herleiden tot een te enge interpretatie van het begrip.

Het is gerechtvaardigd om in plaats van aanbidding het woord “dienen” of “werken” te gebruiken. Deze begrippen dekken als denkbeeldige vlaggetjes net zo min als “aanbidding” de gehele lading maar het zou een effectieve manier zijn om het referentiekader dat we bij “aanbidding” hebben in een Bijbels juister spoor te krijgen.

Aanbidding gaat over heel het leven. Het is de fundamentele beslissing die iemand neemt wanneer geconfronteerd met de vraag wie men besluit te dienen in dit leven. En, zoals Jezus zegt, dat kan er maar een zijn. Niemand kan twee heren dienen. Alleen God komt alle eer en glorie, aanbidding en dienst toe. Ik en mijn huis zullen hem dienen, zegt de grote Jozua wanneer hij die vraag moet beantwoorden. En, als resultaat van deze keuze is het heel goed mogelijk dat we die dienst aan God ook willen uiten door samen met anderen Hem toe te zingen, maar dat is slechts een onderdeel en een resultaat van een bredere en diepere toewijding aan de Schepper van hemel en aarde, door Jezus Christus, zijn zoon!

Hieronder: zonsverduistering in Hyderabad om 13:17

14 januari 2010

India 5, gangetje in de bedelingen

Alles gaat z'n gangetje, het zou kunnen dat mijn koffer vandaag wordt afgeleverd en verbaast het me opnieuw met hoe weinig slaap een mens toe kan. Morgen meer.
UPDEETJE: Mijn koffer is gearriveerd! De bonk belegen kaas die ik voor een vriend heb meegenomen, heeft door de warmte en druk de vorm van een buitenaards wezen aangenomen. Ik heb m'n best gedaan om het zo goed mogelijk in de oorspronkelijke vorm te kneden maar je ziet nog steeds dat er iets niet helemaal klopt.
Inmiddels zit ik in uur 19 van "Theology of Worship" en het klinkt allemaal prima maar tegelijk is het idee dat achter elk vers in de Bijbel "Worship" schuilt een te simpele voorstelling van zaken. De prof is een product van het Dallas Theological Seminary, broeinest van de bedelingenleer. En dat hoor en zie je in alles terug. Aan de andere kant; we kunnen God nooit genoeg eren! Hem zij alle en de enige glorie!


13 januari 2010

India 4, Theologie in Aziatische context

Gisterenmiddag begonnen met “Theology in Asian Context”. Na het Westerse Imperialisme, Kolonialisme en in het heden een nieuw Kolonialisme zou Azië behoefte hebben aan een eigen theologie. Hier in India zegt men wel dat Theologie in West Europa is ontwikkeld, door Engeland en Amerika is verkracht en in Azië is gedumpt. De Westerse theologie waarbij men de leer over God in dogma’s en concepten heeft weten te persen, schiet tekort in landen zoals India. Theologie moet veel tastbaarder en praktischer worden om enig impact te kunnen hebben. Daar heeft men dan wel een probleem. Het is nu de derde keer dat ik hier in India ben en een van mijn ervaringen is dat India maar wat graag aan een westerse leidraad loopt. M’n medestudenten beamen dit. Ze vinden het allemaal wel prima. Het is niet alleen dat (quasi) geestelijke producten listig naar India worden geëxporteerd, India wil het maar al te graag importeren! De geest van het kolonialisme is diep in de ziel van India verankerd. Op de Uni ben ik een van de weinige blanken (er lopen er hier zes rond op tweehonderd studenten) en toch word ik anders behandeld en aangekeken. In groepswerk wordt van mij verwacht dat ik het woord voer en het groepje leid, hetgeen ik categorisch weiger daarbij het gevaar lopend als cultureel ongevoelig te worden bestempeld.
Die theologie ontwikkeld zich wel. Geconfronteerd met leed, honger en uitbuiting in het kwadraat kan het niet anders of het Evangelie moet wel handen en voeten krijgen. De dogma’s gaan het niet redden. Die voeden geen lege magen en reduceren recht en waarheid tot abstracte modellen.
De beweging onder de Dalits is niet te stoppen. Ik heb hier eerder al blogs aan gewijd maar zover bladert geen Hollandse ziel terug. De miljoenen worden tientallen miljoenen. Met het geestelijk ontwaken van de allerarmsten klinkt ook de roep om recht en gerechtigheid steeds luider en helderder. De rijken worden nerveus; wie schept straks onze beerput leeg. De gevestigde patronen verschuiven en dit zal op termijn politieke en economische gevolgen hebben.
Waar Europa een theologie heeft die is geënt op een geschiedenis van misinterpretatie en misrepresentatie van de Bijbel ontwikkelt de theologie in Azië zich vanuit de vuilnishopen en riolen van de onderdrukten.
En daar kunnen we in Europa nog heel veel van leren.

12 januari 2010

India 3, Herhaling

Veel woorden gebruiken en steeds hetzelfde zeggen. Dat is tot nu toe mijn samenvatting van de lessen in "Theology of Worship". Ik zink langzaam weg in een overdosis aan John Piper aanhalingen. Niks mis met JP maar iedere prediker lijdt aan een bepaalde mate van eenzijdigheid.
Het is pas de tweede lesdag maar de verveling slaat nu al in alle hevigheid toe. In de klas zitten en naar monologen luisteren is nu niet bepaald mijn leerstijl.
Momenteel zitten we in "het verhaal van de twee bergen" uit Johannes 4. Welke berg is de beste om God op te aanbidden? Geen van beide, zegt Jezus, zolang er maar aanbeden wordt in Geest en in Waarheid. Maar nu loop ik op de zaken vooruit. Ik vermoed dat we daar uit gaan komen.
Vandaag kleren kopen. Bagage was gisterenavond terug in Amsterdam.....

11 januari 2010

India 2 'reductie'

De eerste vijf uur van 'Theology of Worship' zit erop en mijn eerste indruk is dat het wel een okay onderwerp is. De professor ziet wel in zo'n beetje iedere punt en komma 'aanbidding' omdat de Bijbel volgens hem uiteindelijk daarover gaat. Kernpunt is dat op Gods openbaring maar een reactie gewenst is en dat is lofprijs en aanbidding. Die begrippen moeten nu nog wel 'uitgepakt' worden en ik wacht met spanning af.
Bagage nog steeds spoorloos.

10 januari 2010

India 1

Verbaast staarde ik naar de ruimte voor mijn knieen en benen. Er was echter echt iets om naar te staren: ruimte. En het was toch echt de goedkope klasse. Voordat het toestel vertrok was ik al in slaap gevallen. Een dubbele dosis reistabletten is een effectieve manier om in slaap te vallen. De taxichauffeur stelde me gerust, 'ja, ik weet waar het is,' om vervolgens na een half uur al verdwaald te zijn. Toch redden we het in twee uur en kon ik al mijn oude vrienden weer begroeten en een busje deodorant kopen. Mijn bagage is in Londen achtergebleven. Tja, dat kan gebeuren. Alles lijkt in India nog hetzelfde. Alleen bouwen ze veel sneller dan in Nederland. Een 15 kilometer lange 'overpass' dwars door en over de stad heen, doen ze effe in 30 maanden. Het voelt een beetje als thuiskomen hier op de campus. Zelfs de eigenaardig smakende, weezoete koffie heeft iets vetrouwds. Ik heb echt zin in de komende weken.

9 januari 2010

Leuk is anders

Vanmorgen wakker geworden met een knetterende hoofdpijn. Drie vluchten in het vooruitzicht verergen de smart. Via, via hoop ik, indien ijs en weer het toestaan, morgen in de namiddag in Hyderabad aan te komen. Daar wachten drie weken en 150 lesuren, Ik heb er zin in hoewel de verwachting is dat ik, hoewel een jaar ouder en verstandiger, niet zolang stil kan zitten, Het is wel veel, maar het tempo ligt een beetje te laag. Nog een uur en ik neem een dubbele dosis inslapers. Met oordopjes in en de vraag aan de stewardess om me 'met rust te laten' hoop ik op het traject Londen-Mumbai m'n kloppende hoofd te rusten te leggen en een paar uur te slapen. Reizen is nog altijd het minste onderdeel van het reizen. Het lijkt een beetje op een theatrale jammerklacht, en dat is het ook een beetje, maar ik wil toch ook even melden dat ik me bijzonder gezegend weet met een geweldige vrouw aan mijn zijde, uniek, bijzonder werk en de vrede van God, die alle verstand te boven gaat.

8 januari 2010

Op de heilige berg

De kleine profeten die je achterin het Oude Testament vindt zijn boeken die je aan het denken zetten. Vaak worden scherpe contrasten geschilderd en het is niet vanzelfsprekend dat we de schijnbaar twee gezichten van God met elkaar kunnen rijmen. De neiging is om in te zoomen op de zachtere kant van God en snel over de hardere kant heen te lezen.
Maar stel je voor dat God alleen maar een zachte, vergevende, ontfermende kant zou hebben en aan het eind van iemands leven zou zeggen dat Hij niet anders kan dan alles door de vingers zien. Ik ben dankbaar dat God de God van het recht is en dat er een dag komt dat recht gesproken wordt over onrecht, uitbuiting, moord. De werkelijkheid van het leven is dat miljoenen mensen op deze wereld in stilte of in wanhoop verlangen naar recht; slachtoffers van onderdrukking, genocide, kapitalisme, onrecht, oplichterij en ga zo maar door.
Sefanja schets in een zin een wereld waar miljarden naar verlangen: "Ze zullen weiden en rustig liggen, en niemand die ze stoort" (Sefanja 3:13). En die dag gaat komen. Daar ben ik zeker van.

Met een schijnbaar oneindig geduld wacht God en geeft de mens de gelegenheid om zich om te keren en in volledige overgave bij Hem te schuilen. Alle tegenstellingen komen bij elkaar in Christus die in staat is om allen met de Vader te verzoenen. Vandaag verbaas ik me opnieuw over dat wonder!

7 januari 2010

De Heer dienen?

Op het moment dat iemand besluit om verblijfsstatus aan te vragen in het Koninkrijk van God (door Jezus te gaan volgen of Hem aan te nemen als Redder en Heer of hoe je dit ook wil duiden) wordt deze nieuwe status toegekend als de aanvrager aan de eis die aan de inburgering kleeft, voldoet: bekering. In de Bijbel wordt er niet van een andere mogelijkheid gerept.
Aanstaande zaterdag vertrek ik naar India. Ik heb een visum dat mij voor een half jaar toegang verschaft en ik mag totaal twee keer in- en uitreizen. Ik word geen Indiër. Ik blijf Nederlander. Ik draag mijn Nederlanderschap met me mee zolang ik een Nederlands paspoort heb. Om Indiaas staatsburger te worden zou ik een proces van bekering door moeten maken en, onder andere, mijn Nederlandse burgerrechten herroepen. Die gelden dan niet meer. Ik word Indiër met alle rechten en plichten die die transitie met zich meebrengt.

Eenmaal in dat Koninkrijk van God, draag ik mijn nieuwe status altijd met me mee. Of ik nu naar fitness ga, boodschappen doe bij "Bas", mijn werk bij Operatie Mobilisatie doe, echtgenoot, vader, broer en buurman ben, uitga, vakantie vier, en noem maar op.
"De Heer dienen" wordt gemakkelijk verward met het jezelf geven aan christelijke activiteiten. Sommigen zeggen bijvoorbeeld dat ze de Heer graag full time willen dienen als ze aangeven voor OM, Agape, JmeO, Open Doors, Youth for Christ, Campus Crusade, Navigators, ECM, AWZ (om er een paar te noemen) te willen gaan werken. Indirect wordt hiermee gecommuniceerd dat het leven dat nu wordt geleid minder in dienst van de Heer zou staan. En dat is, vanuit het Koninkrijksperspectief, een absurde gedachte. Die tweedeling, waar ik gisteren aan refereerde, heeft zich diep in het denken van de Westerse mens genesteld. Om daarvan af te komen is een andere manier van kijken nodig. Dat is een proces dat begint bij de erkenning dat iemand ver- of bijziend is; het leven en de activiteiten, bewust en onbewust, voortdurend aan het indelen is in de vakjes "God" en "Wereld." Vervolgens de erkenning dat het nieuwe paspoort altijd en overal wordt meegedragen, ongeacht wat men doet.

As truly as every plant has a root, so does a principle hide under every manifestation of life. These principles are interconnected and have their common root in a fundamental principle; and from the latter is developed logically and systematically the whole complex of ruling ideas and conceptions that go to make up our life and worldview. (Abraham Kuyper, Christianity: A Total World and Life System)

6 januari 2010

"Washerisme"

Regelmatig worden uitspraken van Paul Washer geciteerd in artikelen, of gepubliceerd in de media. Paul heeft een passie om mensen in het reine te zien komen met hun Schepper. Daar kan ik me helemaal in vinden. Ik deel die passie en herken me wel in zijn (s)preekstijl. Waarom irriteert hij me dan zo? Omdat er zaken zijn waarvan ik me moet bekeren? Omdat hij het scherper zegt dan ik zou durven?
Vanmorgen las ik op het Christelijk Informatie Platform een artikeltje met daarin enkele van zijn uitspraken. Ik stelde mezelf opnieuw de vraag waarom mijn stekels overeind gaan staan als ik ze lees. Omdat het nog vroeg was en de krant nog niet door mijn brievenbus naar binnen was geschoven had ik de tijd om daar eens op te reflecteren. En, ik ben eruit.
Hij zegt bijvoorbeeld, "Het doel is om de hele week anderen de glorie van God te tonen. Dan zegt u: 'Maar hoe doe ik dat met alle activiteiten doe ik heb?'" Het artikel vervolgt, "Washer wijst op de wijze waarop kinderen worden opgevoed. 'Realiseer u dat uw kinderen voor God moeten verschijnen. Zij zullen worden zoals u bent. Iedereen in uw gezin is druk. Waarom toont u geen berouw en dient u niet de Heer?,' aldus de voorganger".
Waar ik me aan stoor is het dualistische denken dat aan deze gedachten ten grondslag ligt. Activiteiten zijn, in termen van "hoger" en "lager" van de lagere soort. Lager staat dan voor het wereldlijke, ongeestelijke en seculiere, en hoger staat voor het hemelse, geestelijke, contemplatieve leven. De gedachte is dat we zoveel mogelijk af moeten van de lagere dingen in ons leven en deze inruilen voor de hogere: weg met de activiteiten en je richten op het dienen van God.
En ja, het kan heel goed zijn dat mensen van wat activiteiten af moeten omdat er gewoon teveel van zijn waardoor het gezinsleven en de opvoeding van de kinderen in de knel komt.
Maar de kern van de zaak is niet dat we ons moeten bekeren van al die activititeiten en in plaats daarvan de Heer dienen, zoals Washer impliceert, maar dat we IN die activiteiten de glorie van God tonen.
Zoveel christenen lijden onder deze ongezonde tweedeling in hun leven omdat hen nooit geleerd is dat hun getuigenis in alle facetten van het leven geïntegreerd is. Werk is geen noodzakelijk kwaad, ontspanning, hobby's, vakanties zijn geen aspecten van het leven die zich slechts afspelen in de periferie van het dienen van God maar door God gegeven zaken waarin we volop Christus kunnen laten zien.
Verzoening met God door het geloof in Christus gaat verder dan ons zielenheil en raakt alles in ons leven. Het maakt een eind aan de talloze tweedelingen in onze levens: Christus in alles.

Ernie's 'geestelijk/denkende' zelf werd zo ziek van
zijn 'vleselijke/functionele' zelf dat hij zijn hoofd
aan een touwtje moest vastmaken om te
voorkomen dat het zou ontsnappen.

4 januari 2010

Asterix en het koninkrijk (5): effectief wapen.

Vorige week las ik over een zichzelf tot apostel verheven man die een relatief (binnen de grenzen van zijn geestelijke LegoLand) succesvolle "bediening" runde totdat hij zich op glad ijs begaf door polygamie te gaan promoten. Wat Google graafwerk verder concludeerde ik dat hij wel moest. Naast de relatie met zijn wettige echtgenote snoepte hij nog van een ander bloempje; een "aanbiddingsleidster" die hij in LegoLand had leren kennen. Na de ontmaskering gaat meneer gewoon door, verandert de naam van zijn bedrijf en past zijn naam enigszins aan zodat het op zich transparante bedrog modderige draai krijgt.
Ook las ik een boek waarin een predikant schrijft dat hij zijn theologie aan moest passen nadat hij verliefd was geworden, en een relatie begonnen, met een vrouw die niet zijn vrouw was.

De Romeinen hadden ook in de gaten hoe je een in principe onoverwinnelijk volk ten val kunt brengen: "Niet de kracht van wapenen maar die van geld, seks en macht." In "Asterix en Latraviata" wordt ingespeeld op de zwaktes van de mens en opnieuw met bijna succes!
Nu wil ik niet voorstellen dat we de sterke biologische krachten, die ons mens maken, negeren. Gegeven de juiste omstandigheden heeft ieder mens het potentieel om sterke voornemens en moreel hoogstaande principes naast zich neer te leggen en voorrang te geven aan passies.
Het was de apostel Paulus die waarschuwde dat wie meent te staan erop toe moet zien dat hij niet valt. In dit Asterix verhaal vinden we opnieuw een illustratie van een Koninkrijksprincipe. De sterke gemeenschapszin maakt dat het persoonlijke probleem van een inwoner een collectief probleem wordt. En dat laatste is een van de grondregels van Gods koninkrijk.
Het is onder andere de geïsoleerde positie waarin leiders zich weten te manoeuvreren die hen ontvankelijk maakt voor moreel verval en hen de waan aanpraat dat ze anders zijn; zich in een uitzonderingspositie bevinden en derhalve op meer clementie van Boven mogen rekenen. Daarnaast maken ze het christelijk getuigenis tot een aanfluiting. Als je enerzijds hoge morele principes predikt en tegelijkertijd voor jezelf een uitzondering maakt is het rendement op het getuigenis altijd negatief.

3 januari 2010

Doe ik het goed?

De afgelopen week een aantal keer het boek Micha gelezen. Het is een wat deprimerend boek en de kans is dat, als je al niet veel vertrouwen in de mens hebt, je dat na het lezen van Micha helemaal kwijt bent, of zelfs op -15 uitkomt. Temidden van alle ontrouw, onrecht, uitbuiting, afgoderij en onderdrukking en een godsdienst die gereduceerd was tot routinematig offers brengen (als dat al gebeurde), maakt de profeet duidelijk dat God niet gunstig gestemd kan worden door het offerquotum op te krikken of misschien wat zwaardere offers te brengen (je eigen kinderen bijvoorbeeld).
Dit is wat God vraagt: Recht doen, trouw liefhebben en nederig wandelen met God (6:8). Hij wil zichzelf, zijn wezen, zijn karakter terug zien in het leven van zijn schepselen. Zijn verbond met zijn volk kon worden samengevat in twee woorden: Leven en Vrede. Dat wil Hij on ons kwijt zodat wij het weer aan anderen kunnen doorgeven.
Maar dat wil ik toch ook? Iedereen toch? Ik kan me niet voorstellen dat er mensen zijn die geen leven en vrede willen.
Toch, de praktijk wijst anders uit. Het grootste obstakel tussen waarachtig leven en vrede is de mens zelf. Het kan best zijn dat, diep weggestopt een verlangen naar leven en vrede sluimert maar de zelfverrijking, zelfhandhaving en hebzucht krijgen in de levens van zovelen om voorrang. En winnen maar al te vaak.
  • Ik kan vandaag recht doen door me bewust in te zetten voor de zwakkeren en kansarmen in de samenleving.
  • Ik kan besluiten om betrouwbaar te zijn. Mijn beloftes na te komen. De waarheid te spreken.
  • Ik kan besluiten dat God groot is, en ik heel klein, en vervolgens mijn leven overeenkomstig inrichten. Zonder Hem geen leven. Nederigheid betekent dat Hij het voor het zeggen heeft en dat wat Hij wil, mijn wil wordt.

2 januari 2010

Brood (5-5)

Geef Ons Nu Brood

BROOD
Protestantse gelovigen hebben de neiging om alles wat in de Bijbel staat geestelijk uit te leggen. Brood zou over geestelijk voedsel gaan. Jezus zegt toch “Ik ben het brood des levens, wie tot Mij komt, zal nimmermeer hongeren en wie in Mij gelooft, zal nimmermeer dorsten” (Joh. 6:35).
Hier gaat het over brood. Gewoon brood.

Ons brood. Weet je dat wij tot de 10% van de mensen behoren die 90% van de middelen die de aarde prijsgeeft gebruiken en menen er recht op te hebben. We werken er immers hard voor.
90% van de aardbewoners moet het met de overige tien procent doen.
Daarom sterven er iedere dag 30.000 kinderen onder de vijf jaar aan ziektes die op te lossen zijn.

Ander voorbeeld. Brood willen we graag wegspoelen met een glaasje water. Toch?

• 80% van alle ziektes en sterfgevallen zijn gerelateerd aan het gebrek aan veilig drinkwater
• Iedere dag sterven 6000 mensen in ontwikkelingslanden (2,2 miljoen p.j. waarvan het groot-ste deel kinderen). De directe reden: geen schoon water.
• Een miljard mensen kan de armoedespiraal niet doorbreken omdat o.a. vrouwen het belang-rijkste deel van hun tijd doorbrengen met het verzamelen van veilig drinkwater.
• Per jaar geven we 46 miljard dollar uit aan flessen water (omdat we hat water uit de kraan niet goed genoeg vinden, of water met een smaakje prefereren!)
• Een vijfentwintigste deel daarvan (1,7 miljard) op jaarbasis zou genoeg zijn om het water-probleem op te lossen!

De trieste werkelijkheid is dat de kerk meer geïnteresseerd is in het opwaarderen van haar eigen water- en broodkwaliteit dan dat ze zich inzet voor hen die helemaal geen water hebben!

Hoe kun je voor jezelf vaststellen of je in het geloof bent? Ik heb de laatste tijd wat preken beluisterd en merk dat de nadruk toch wel heel erg ligt op het aannemen van Jezus als je persoonlijke verlosser. En het is waar. De Bijbel zegt dat we alleen behouden kunnen worden door ons vertrouwen op Jezus te stellen. Het bewijs dat iemand opnieuw geboren is, is echter te zien aan het feit dat hij of zij niet langer met zichzelf bezig is maar vooral met de ander! In Matteüs 25 lezen we over hoe Jezus de mensen aan het eind van de tijd in twee groepen scheidt. Waar wordt het oordeel op gebaseerd? De mate waarin men zich voor de ander heeft ingespannen. De groep die het Koninkrijk binnengaat zijn zij die van zichzelf niet eens door hebben dat ze het deden. Waarom niet? Omdat de Heilige Geest de mens verandert van een ik-mens in een ons-mens.

Wat ben jij? Ik of Ons?
Een “ons” mens adopteert een of meerdere kinderen (in ieder geval op afstand), doet bewust met minder zodat een ander die nog minder heeft, ietsje meer heeft.
Een “ons” mens spant zich in om het brood te laten vergezellen van een boodschap over het Le-vende Brood.
Misschien een goed idee voor het nieuwe jaar. Sponsor een kind voor zes Big Mac Meals per maand bied je een kind in Oeganda onderwijs, kleding en een toekomst. Klik hier.

1 januari 2010

Nu (4-5)

Geef Ons Nu Brood

NU
Heden en Dagelijks zijn de woorden die Jezus gebruikt. Een stukje verderop wordt dit wat verder uitgepakt als Jezus spreekt over bezorgdheid waarbij Hij de bekende uitspraak doet dat we ons niet bezorgd moeten maken tegen de dag van morgen want elke dag heeft genoeg aan zijn eigen kwaad (6:34).
Wat voor gevolgen zou het hebben als Jezus ons geleerd had om te bidden “Geef ons heden ons brood voor de komende zes maanden”. De belijdenis van afhankelijkheid zou al snel naar de achtergrond verdwijnen.
Ook vinden we hier de link met het Koninkrijk. “Uw koninkrijk kome” (:10) en “Zoekt eerst Zijn koninkrijk” (:33).
De zorg van God voor zijn kinderen is gekoppeld aan onze zorg voor Zijn koninkrijk. En in dat ko-ninkrijk gaat het dus om “ons brood” en in dat koninkrijk gaat het om het “hier en nu”. Dit element van het koninkrijk wordt vaak over het hoofd gezien.
De wereld houdt zich bezig met overmorgen. Het Koninkrijk van God houdt zich bezig met vandaag.
Hoe zit het dan met onze toekomstgerichtheid. Zijn het niet juist de christenen die geneigd zijn om het hier en het nu ter veronachtzamen omdat alleen de toekomst telt?
Wat zegt Paulus over dit soort dilemma’s? Rom. 6:22 “Maar thans, vrijgemaakt van de zonde en in de dienst van God gekomen, hebt gij tot vrucht uw heiliging en als einde het eeuwige leven”. Hij heeft zoiets van ‘dat eeuwige leven heb je, maak je daar maar niet al te druk om. Waar je je nu op moet richten is je heiliging; leven in overeenstemming met de principes van het koninkrijk.

Koninkrijkspraktijk is dat als je bidt zoals Jezus het wil, dat ‘ons’ een veel bredere betekenis krijgt dan de mensen die direct om je heen staan of leven.
Waar zie ik vandaag een tekort en wat kan ik daaraan doen?