16 oktober 2009

Wat mooi allemaal...

Klik hier voor onze nieuwsbrief, vers van de pers.

Ik heb Samuel uitgelezen. Voor de zoveelste keer. Elke keer lees je het boek anders. Je kunt het boek lezen als een een-tweetje tussen David en God waarbij (helaas) her en der wat slachtoffers vallen (collateral damage). Dit keer trof het me dat er een bepaalde onvoorspelbaarheid is bij God. We zeggen wel dat God het hart aanziet maar uiteindelijk is zijn wet belangrijker. Als ik bijvoorbeeld impulsief mijn hand uitstrek om te voorkomen dat Gods heilige altaar vanaf de kar in de hondenpoep valt dan doe ik dat met de beste bedoelingen. Ik probeer te voorkomen dat iets heiligs in iets vreselijks onheiligs valt. Echter, voordat ik het weet lig ik dood op de grond. Technisch gezien snap ik het; er stond toch duidelijk op "niet aanraken, overtreding wordt zonder pardon bestraft: you're dead, pal!" maar het roept ook verontwaardiging op. De politieagent die later op de dag het gezin moet melden dat man en vader nooit meer thuiskomt, weet ook niet precies wat hij moet zeggen. Was het een ongeluk? Deed het slachtoffer iets verschrikkelijks en moest de ultieme prijs betalen?
Toch kom je ook God tegen die ruimte geeft. Ja, zaken zijn behoorlijk zwart-wit bij Hem (in ieder geval is dat duidelijk) maar Hij is te vermurwen. Er zijn vele passages in het OT waar we lezen dat God zich bedenkt, spijt krijgt en/of zich laat vermurwen en het is bijna altijd een reactie van Zijn kant op de gebeden van zijn schepselen! David, aan wiens handen zoveel onschuldig bloed kleefde, is ook de man die tussenbeide treedt en God smeekt om niet "deze arme schapen" te straffen maar "mij en mijn familie," waarop God zijn oordeel niet verder uitvoert.
Kortom, hoe meer je het OT leest, hoe groter de rol en het werk van Jezus wordt. God wordt zoveel duidelijker als je naar Jezus kijkt. Hij is de ultieme, onherroepelijke oplossing op het grootste probleem van de mens die enerzijds de straf van God over zichzelf uitroept door zich consequent tegen Hem te blijven verzetten , en anderzijds diep van binnen verlangt naar vrede en herstel. Zet daar tegenover God die rechtvaardig is en de mens (overeenkomstig zijn eigen wetten) moet straffen, maar tegelijk liefdevol; is en ook verlangt naar herstel en vrede met Zijn schepping. Niet langer is het gebed van een individu dat wat Zijn hart vermurwt, maar het offer van een: Jezus! En dat is eens en altijd voldoende voor iedereen die wil.