13 februari 2008

Wat een nacht en dag

Het begon vannacht. Ik had al geslapen toen ik werd gebeld. Ruben stond met een dolgedraaide versnellingsbak in Hoek van Holland. Of ik hem even op wilde halen. Natuurlijk. En dan wachten op de Wegenwacht. En dan wachten op de sleepwagen.

Thuisgekomen kon ik niet meer slapen en nam daarom een inslapertje. Het probleem is dat, ook al gaat het om een inslapertje, je de andere dag een paar uur leuk gaar bent. En daar was geen tijd voor omdat Martha in haar wijsheid en nesteldrang besloten had dat we met alle in huis zijnde gezinsleden gezellig om 07.30 zouden ontbijten.

Vervolgens brachten we Moniek naar Schiphol. Als alles goed is gegaan is ze nu in haar appartement haar koffer aan het uitpakken. Ze gaat stage lopen in een vijfsterrenhotel waar alleen maar Spaans gesproken wordt.
Een aardige uitdaging dus.
Vanavond hebben we de tweewekelijkse gebedsavond van de Brandaris. Vrijwel alle christenen geloven in de kracht en het belang van collectief gebed. Weinigen zijn hier echter voldoende van overtuigd om er eens in de twee weken voor twee uurtjes (inclusief zingen, overdenking, koffiepauze) prioriteit aan te geven.

Wat hen dan tegenhoudt? Ik heb geen idee. Waarschijnlijk heel simpel geen tijd. Iets anders kan ik ook niet bedenken, juist omdat men volmodig toegeeft dat het zo belangrijk is.
Ik heb eens een periode gehad dat we het combineerden met een gezamenlijke maaltijd maar ook dat werkt onvoldoende overtuigend als lokmiddel.
Zodoende zullen we ook vanavond weer met hooguit 25 mannen en vrouwen pleiten en voorbede doen.